Politiek Dagboek

Beschouwingen van Raphael Smit over Politiek Amersfoort en Omstreken

Archive for februari 2005

leave a comment »

Gemeentesecretaris trekt juiste conclusie

Vrijdag 11 februari 2005

Leefbaar Amersfoort heeft een medestander extra: onze gemeentesecretaris. Gerard de Kleijn heeft in zijn vaktijdschrift gepleit voor een college met twee gekwalificeerde wethouders. Leefbaar Amersfoort pleitte in zijn verkiezingsprogramma voor een college met vier wethouders, maar volgens Gerard de Kleijn waren we dus nog te voorzichtig.
Ik kan mij het standpunt van de gemeentesecretaris wel voorstellen. Elke week moet hij twee keer een collegevergadering bijwonen en het gestuntel van onze wethouders ondergaan. Ik kan mij niet voorstellen dat de wethouders binnen het college creatiever zijn dan daar buiten. Voor een deelnemer aan de collegevergadering met ook maar een beetje kwaliteit moet het dus een straf zijn om twee keer per week het geneuzel van onze wethouders te ondergaan. Dan is de conclusie ook snel getrokken: geef mij er maar twee met kwaliteit, dat levert meer op dan het zootje ongeregeld dat nu aan de collegetafel aanschuift.

Dat is de ene kant. De andere kant betracht ik met wat meer reserves. Het is algemeen bekend dat het niet de wethouders maar de ambtenaren zijn die in onze stad de dienst uitmaken. Gerard de Kleijn stelt voor dat de gekozen burgemeester volgend jaar de directie en het wethoudersteam in elkaar schuift tot één team. Het is een realistische kijk op de werkelijkheid, alleen bij de oplossing verschillen Gerard de Kleijn en ik van mening. Ik ben er niet voor om de macht van de ambtelijke top te formaliseren, beter is het om de kwaliteit van het openbare bestuur te verbeteren.
Want laten we eerlijk zijn: hoeveel Amersfoorters zeggen namen als Ten Berge, de Jager of De Jonge iets? Toch zijn dat enkele van de ambtenaren die, zonder daarvoor te zijn gekozen, feitelijk aan de touwtjes trekken. Natuurlijk: velen zullen ook de namen van onze wethouders nauwelijks kunnen reproduceren, hetzij dat ze juist weer eens op negatieve wijze van zich hebben laten horen. Maar ze zijn wel op democratische weg te controleren, en dat kan je van de ambtelijke machtshebbers niet zeggen.
Laten we niet uit het oog verliezen: wat de gemeentesecretaris voor ogen staat is een managementstructuur die vergelijkbaar is met het bedrijfsleven. Maar het bedrijfsleven is gericht op expansie, omzetvergroting en noem maar op. Dat zou, de lijn van Gerard de Kleijn doortrekkend, betekenen: nog meer ambtenaren die zichzelf aan het werk houden met niet gevraagd beleid. Dat betekent ook: een ongebreidelde verdere groei van de stad, want dat levert binnen de ambtelijke organisatie de meeste arbeidsplaatsen op. En voor de ambtelijke top betekent dat: hoe meer personeel, hoe meer macht!

Wat ik wel weer positief in het voorstel van Gerard de Kleijn vind, is het idee om de raad kleiner te maken. Prima, maar dan moet je de raadsleden wel beter honoreren, zodat je ook kwaliteitseisen kunt stellen. Ik behoor tot de groep raadsleden die veel tijd in het raadslid-zijn steekt, waardoor ik als freelancer sinds mijn aantreden in de raad op mijn inkomen heb moeten inboeten. Of je vijftien van die idioten vindt, is nog maar de vraag. Overigens vind ik dat tegenover een betere beloning ook een maximale zittingsduur van twee of drie raadsperioden moet staan, want anders zijn raadsleden – ook de slechtere – niet meer van hun zetel weg te branden. Parallel daaraan zou je ook de ambtelijke top aan een dergelijk tijdslimiet moeten binden.

Kan de gemeentesecretaris zomaar met dergelijke wilde gedachten komen, moet hij daarvoor als ambtenaar niet bestuurlijk worden gedekt? Dat is de vraag die mij deze ochtend werd gesteld. Ik vind dat een gemeentesecretaris in zijn eigen vakblad een gedachte moet kunnen uiten. Maar dan moet hij tevens accepteren dat raadsleden hem ook rechtstreeks, niet via de uiteindelijk verantwoordelijke burgemeester, op zijn opvattingen aanspreken. En voor het overige ben ik van mening dat we op de gemeentebegroting onder meer kunnen bezuinigen door van de secretarisfunctie een parttimebaan te maken!

Baggerprobleem nog lang niet opgelost

Donderdag 10 februari 2005

Deze week ontvingen de raadsleden een brief van het college over de stand van zaken rondom de baggerstort naast Vathorst. Met trots en vol hoop meldt het college dat er een brief van de minister VenW is binnengekomen, waarin deze meedeelt dat de drie miljoen bagger uit Rijkswater niet binnen de provincie te hoeven gestort. Het Rijksbagger vormde een belangrijk deel van de bagger die bij Vathorst gestort zou worden. Maar zoals steeds bij het huizenhoge baggerdossier: ook hier zit weer een addertje onder het gras.
De minister memoreert in haar brief dat de provincie er dus voor kiest om de eigen bagger buiten de provincie te laten verwerken. Ze vervolgt: ‘Ik vertrouw er op dat, vanwege het principe van de wederkerigheid van deze marktwerking, de oplossing die u binnen de Utrechtse regio tot stand brengt eveneens in voldoende mate toegankelijk is voor baggerspecie uit andere regio’s.’

Ik normaal Nederlands zegt de minister dus: oké, jullie wijken voor jullie baggerprobleem uit naar andere provincies, maar dan moet je ook accepteren dat andere provincies hun bagger bij jullie kunnen deponeren. Dus als bijvoorbeeld het Hoogheemraadschap Amstel- en Vechtstreek zijn bagger uit de Amsterdamse grachten bij Vathorst wil storten, moet dat ook kunnen. Althans, als daar een baggerstort is waarvoor ook een vergunning is afgegeven. Dat laatste is het geval: de provincie heeft de firma Smink een vergunning verstrekt. En Smink heeft al verklaard dat hij de baggerstortplaats ook wil realiseren.
Mogelijk heeft Smink zijn voornemen alleen maar geuit om bij onderhandelingen met de provincie en de gemeente Amersfoort een stevige positie in te nemen ten behoeve van een maximale schadeloosstelling. Maar als het de firma Smink ernst is – en uiteindelijk is verwerken hun doelstelling en niet het creëren van schadeloosstellingen – dan ziet er minder gunstig uit voor onze stad en de bewoners in Vathorst in het bijzonder. Want je mag er van uitgaan dat Smink, als de baggerstort wordt gerealiseerd, op de acquisitietoer gaat. En met de brief van de minister in de hand heeft de firma Smink het grootste recht om de bagger uit de Amsterdamse grachten naast Vathorst op te slaan.
Ik ben dus niet zo jubelend over de toezegging van de minister. Het ware beter geweest als de provincie geen vergunning had verstrekt. Maar ja, daarachter schuilt weer een heel ander verhaal.

Written by raphaelsmit

11/02/2005 at 15:29

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

VVD wachten moeilijke tijden

Woensdag 9 februari 2005

Teruggekeerd uit Berlijn lees ik ’s nachts de verschillende weblogs door van collega’s uit de raad, vooral om te zien wat voor roestvlekken het erosieproces binnen de VVD-fractie de afgelopen dagen heeft opgeleverd. Een ding is duidelijk: Ruud Schulten heeft weliswaar de VVD-fractie verlaten, maar is niet van plan het daarbij te laten. Als buitenparlementaire volksvertegenwoordiger wil hij blijven strijden voor echte liberale gemeentepolitiek. Dat hij daardoor zijn oud-collega’s uit de raad en de twee VVD-vertegenwoordigers die op de loonlijst van het college staan, regelmatig gaat tegenkomen, zal hem wel duidelijk zijn.

Voor wethouder Paul Strengers ontstaat een bizarre situatie. Bij zijn benoeming, een jaar geleden, nam zijn plaatselijke partijvoorzitter ontslag. Die zag hem niet zitten als collegelid en kan achteraf alleen maar vaststellen dat hij een vooruitziend blik heeft gehad. Vervolgens neemt dus een van de fractieleden om gelijke redenen ontslag. Al diegenen die een beetje het wel en wee binnen de VVD-fractie volgen, weten dat er nog zeker twee andere VVD-fractieleden zijn die met een gelijk gevoel van afkeer ten opzichte van hun wethouder afgelopen week toch tegen de motie van wantrouwen hebben gestemd. Eén van hen heeft mij dat klip en klaar meegedeeld, ik wacht op het moment dat ook voor hem de ruggengraat in de juiste conditie komt.

Paul Strengers loopt intussen als aangeschoten wild rond. Een motie van wantrouwen heeft hij nog overleefd – wat niet verrassend is: ministers en wethouders vallen nooit op initiatief van de oppositie, maar altijd door problemen binnen de eigen partij of tussen coalitiegenoten. Ik vermoed dat Paul Strengers de komende tijd vaak over de schoudermoet kijken om op te letten dat hem niets onverwachts toestoot. Zijn arrogantie kennende, zal hij weinig oplettend zijn. Hij is immers zo ongeveer de enige Amersfoorter die meent dat hij zijn werk uitstekend doet.

Het probleem voor de stad Amersfoort is dat juist in de portefeuille van Paul Strengers het komende jaar heel wat staat te gebeuren. Een reeks van bestemmingsplannen, ook voor moeilijke gebieden, de ontwikkeling van Vathorst waar steeds meer zand in de machine belandt, de discussie rondom de oude ziekenhuisterreinen, de baggerstort waarvan het dossier nog lang niet is afgesloten – het zijn slechts voorbeelden. Het worden moeilijke tijden voor zijn ambtenaren, zonder wie de wethouder al elke richting zou hebben verloren. En ook de vriendenkring rond Keetell is geen watervaste garantie voor onze brekebeen. Het is interessant om te onderzoeken welk VVD-lid uit deze vriendenkring de komende tijd zakelijk in de problemen komt, zodat we weten wie de volgende VVD-kandidaat voor de RO-portefeuille is.

Ik heb medelijden met VVD-fractievoorzitter Ruud Luchtenveld. Hij is intelligent genoeg om te weten waar de problemen binnen zijn fractie en bij de twee wethouders liggen. Het ontbreekt hem ongetwijfeld aan tijd om de dreigende problemen voor zijn fractie op adequate wijze te pareren en op zijn heetgebakerde plaatsvervanger hoeft hij ook niet te rekenen: die presteert het steeds weer om door zijn emotioneel optreden zowel collega-raadsleden als geïnteresseerde burgers tegen zich in het harnas te jagen. Tenslotte is het vooral hem te verwijten dat Ruud Schulten binnen de VVD-fractie een outsider bleef en weinig gehoor kreeg voor diens terechte kritiek.

Het worden enerverende tijden voor onze plaatselijke VVD. Maar zoals gezegd tijdens de discussie over de motie van wantrouwen: wordt Paul Strengers weggestemd dan heeft de stad profijt, blijft hij zitten dan ligt het profijt bij de oppositie. Voorlopig is dat laatste het geval, maar daar schiet de Amersfoortse burger weinig mee op.

Verkeerd advies doorkruist speerpunt van de raad

Dinsdag 8 februari 2005

Op weg naar Berlijn heb ik vijf uur de tijd om stukken door te nemen en me te verdiepen in enkele opmerkelijke zaken. Een daarvan betreft het wijkserviceteam, de klussendienst die een groot aantal bewoners met een uiterst smalle beurs in onze achterstandswijken uit de nood helpt. Een goed initiatief dat in 2003 van start is gegaan en intussen zijn waarde heeft bewezen.

Het klussenteam is de afgelopen twee jaar georganiseerd via het Banenplan. Over de uitvoering heb ik alleen maar positieve geluiden gehoord en gelezen. Door het Banenplan werden mensen ingeschakeld die buiten het arbeidsproces staan, moeilijk te plaatsen zijn en door het werk binnen het klussenteam weer een mogelijkheid kregen om ervaring op te doen waardoor de kans zich vergrootte om tot de arbeidsmarkt toe te treden.

Voor de periode 2005 en 2006 wordt het werkgebied voor de klussendienst uitgebreid. Hoewel over het Banenplan geen klachten bekend zijn, werd deze organisatie gevraagd een nieuwe offerte uit te brengen. Dat verzoek werd ook gedaan aan de Stichting Ravelijn, een royaal gesubsidieerde vrijwilligersorganisatie met sterke banden binnen het gemeentelijke apparaat. De projectbeschrijving die op het stadhuis werd opgesteld, bleek uitstekend te passen bij de offerte die de Stichting Ravelijn presenteerde, men kon de teksten gewoon overnemen.

De twee offertes kwamen binnen bij de Stuurgroep Woonservicegebied Liendert/Rustenburg. Onder voorzittersschap van wethouder Piet Jonkman bogen ambtenaren, de directeur van de SWA en vertegenwoordigers van organisaties zoals Amant, Eemhoven en de corporaties zich over de twee offertes. De offerte van het Banenplan kwam ongeveer 15.000 euro hoger uit dan die van de Stichting Ravelijn. De leden van de Stuurgroep was het onduidelijk waar het prijsverschil uit voortkwam. Komt het misschien omdat Ravelijn een vrijwilligersorganisatie is, vroeg de directeur van de SWA zich af.

Uit de opmerkingen was op te maken dat de leden van de Stuurgroep de twee offertes nauwelijks serieus hadden bestudeerd. Men had alleen naar het eindbedrag gekeken. Niemand kwam op het idee om de twee offertes wat nader te bestuderen, zelfs de voorzitter niet hoewel hij de aangewezen man was geweest om hiertoe een initiatief te nemen. De Stuurgroep koos voor de Stichting Ravelijn, een advies dat door het college van B en W werd overgenomen.

In de trein naar Berlijn heb ik maar eens het werk uitgevoerd dat de Stuurgroep heeft laten liggen. Met groeiende verbazing en stijgende ergernis over de geestelijke luiheid van de leden van de Stuurgroep, van wie het advies van grote betekenis is. Het resultaat van mijn speurwerk zet ik deze week op papier, alsmede een groot aantal vragen die bij het doornemen van dit dossier naar voren kwamen.

Wat bij de hele discussie binnen de Stuurgroep niet naar voren lijkt te zijn gekomen en ook niet door de voorzitter, nota bene een lid van het college, onder de aandacht werd gebracht, was het gemeentelijke beleid dat bij het besluit over de klussendienst een rol speelt. Een van de speerpunten van de raad is dat zoveel mogelijk werkelozen die moeilijk zijn te plaatsen, toch aan het werk worden geholpen. De opzet van het Banenplan sluit hier naadloos op aan. De 15.000 euro extra is een kleinigheid vergeleken met het bedrag dat de raad voor dit doel beschikbaar stelt, de uitgave wordt overigens gedekt door een rijkssubsidie.

En wat het goedkopere vrijwilligers betreft, waarover de SWA-directeur sprak: het Banenplan berekende, naast de in beide offertes vrijwel even veel kostende coördinator/werkmeester, 2.500 euro voor overige personeelskosten. Stichting Ravelijn berekende hiervoor 6.500 euro, inclusief 3.000 euro onkosten voor de vrijwilligers. Stukken lezen, heren!

Written by raphaelsmit

10/02/2005 at 15:49

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Maandag 7 februari 2005

Het afscheid van Ruud Schulten uit de raad is niet verrassend. Het was een openbaar geheim dat verschillende van zijn VVD-fractiegenoten hem op ongenuanceerde wijze dwars zaten. Met zijn afscheid heeft Ruud Schulten bewezen dat hij over meer karakter beschikt dan een aantal van zijn fractiegenoten.

Het significante is dat zijn grootste opponenten binnen de VVD-fractie ook grote pretenties hebben. Toch vraag ik mij af of de ex-fractiegenoten van Ruud Schulten, die de wens hebben om in de toekomst binnen hun fractie een sturende rol te spelen, voor de hen nagestreefde functie wel geschikt zijn. Als je je persoonlijke afkeer van fractiecollega’s niet weet te onderdrukken, diskwalificeer je je voor een eventueel voorzittersschap van een fractie. Zo gaat dat tenminste binnen een normale organisatie. Dus binnen de VVD-fractie waarschijnlijk niet!

Hoe dan ook: met het vertrek van Ruud Schulten zet de erosie binnen de grootste fractie in de gemeenteraad zich voort. Die begon in feite al bij de start van het nieuwe college. De VVD had bij de vorming van het college, tegen de verhoudingen in, de pretentie twee wethouders te moeten leveren – dit in tegenstelling tot de vrijwel even grote fracties (toen nog) van de PvdA en het CDA: die moesten met één collegevertegenwoordiger genoegen nemen.

Waren de pretenties van de VVD gebaseerd op het grote reservoir van goede bestuurders waarover deze partij kon beschikken? In het geheel niet. De VVD is er niet in geslaagd om met kandidaten naar voren te komen die voldoende kaliber kan worden nagezegd, in 2002 net zo min als bij de doorstart in 2004. Boze tongen beweren dat het logisch is dat de VVD twee wethoudersstoelen claimde: wanneer je de kwaliteit van beide VVD-vertegenwoordigers in het college optelt, kom je tot het bestuurlijke gewicht van één collegelid. Dat is er na 2004 niet beter op geworden.

Maar het zijn niet alleen de VVD-vertegenwoordigers in het college die op pijnlijke wijze duidelijk maken dat de grootste partij in de raad over omgekeerd evenredige kwaliteit beschikt. Ook bij het fractievoorzitterschap mag je de nodige vraagtekens zetten. Niet zozeer dat de routine bij Ruud Luchtenveld afwezig is; in politieke intelligentie steekt hij met kop en schouders boven zijn fractiegenoten uit. Maar het is hem nog steeds niet gelukt om van zijn fractie een team van gelijkgezinden te maken. Elk VVD-fractielid dat je tegenkomt heeft zijn eigen verhaal. Het is vooral de gehechtheid aan het pluche waardoor bij stemmingen de neuzen meestal dezelfde kant op staan. Op dat punt heeft Ruud Schulten bewezen het meeste karakter van zijn voormalige fractiegenoten te hebben.

De oorzaak van het falen van Ruud Luchtenveld ligt bij hem zelf. Hij is slachtoffer van zijn eigen politieke ambities. Het is al moeilijk genoeg om het kamerlidmaatschap te combineren met het raadslidmaatschap in een grote stad. Als je daarnaast dan ook nog de pretentie hebt om als fractievoorzitterschap op te treden (het zal wel bij gebrek aan beter zijn!), dan kan niemand zich meer verbazen dat de fractie van de VVD op de buitenwacht de indruk wekt van een zak vlooien die met regelmaat alle kanten opspringen en het elkaar er ook niet makkelijker op maakt.

Wat het meeste opvalt is dat de VVD-fractie, ondanks het feit dat de meeste andere raadsleden weten dat het een weinig samenhangende groep is die vooral als steun moeten dienen voor twee wethouders die onder de maat zijn, de pretentie tracht hoog te houden dat zij een machtspositie vervult die de stad tot dienst is. Niets is minder waar!

Written by raphaelsmit

07/02/2005 at 14:41

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Zondag 6 februari 2005

In Buitenhof vond vandaag een discussie plaats tussen een Tweede-Kamerlid van de VVD (ik had nog nooit van hem gehoord en ben zijn naam ook weer vergeten) en de heer Doornbos, een van de voormannen uit de land- en tuinbouwwereld. Aanleiding was het nieuws van afgelopen week over het grote aantal Polen dat in ons land werk, waarvan zo’n 20.000 in de land- en tuinbouw.

Het VVD-kamerlid vindt deze ontwikkeling verontrustend. Wat hem betreft moet, zolang wij in ons land nog met honderdduizenden werkelozen worden geconfronteerd, de toestroom van buitenlandse werknemers worden ingedamd. Dat voor het invullen van (hoofdzakelijk seizoensgebonden) arbeidsplaatsen allereerst een beroep moet worden gedaan op werkelozen uit eigen land, werd door Doornbos van harte onderschreven. Werkgevers in de agrarische sector kunnen ook niet zomaar mensen uit Polen aantrekken, maar moeten eerst veel moeite doen om mensen uit de kaartenbakken van de arbeidsbureau’s aan te spreken. Er zijn zelfs speciale projecten voor gestart, maar dat leverde het afgelopen jaar slechts 400 Nederlandse arbeidskrachten op.

Een van de belangrijkste oorzaken zit hem in ons sociale systeem, dat onvoldoende impulsen biedt aan werkelozen om seizoenwerk in de land- en tuinbouw uit te voeren, erkenden beide heren. Het gevolg is dat, als de toestroom van Poolse seizoenwerkers wordt afgeknepen, dat appels aan de bomen wegrotten, asperges niet meer gestoken worden en we nog nauwelijks aardbeien op tafel krijgen. ‘U moet uw probleem niet bij de werkgevers neerleggen, maar zelf eens uw huiswerk afmaken,’ kreeg het VVD-kamerlid dan ook te horen. Naar mijn mening terecht.

Het kamerlid verwees op zijn beurt naar de nieuwe Wet Werk- en Inkomen en de rol die de gemeenten hebben bij het bestrijden van de werkeloosheid. Die hebben inderdaad een nieuwe taak er bij gekregen, waarbij het nog de vraag is of Den Haag met de nieuwe taken ook voldoende geld heeft overgeheveld. Het lijkt meer op een verkapte Rijksbezuiniging ten laste van de gemeenten. Het was echter te goedkoop wat de VVD-vertegenwoordiger naar voren bracht. De gemeenten hebben maar weinig invloed op de sociale wetgeving. Dus op het moment dat de werkgeversvertegenwoordiger uit de land- en tuinbouw vaststelt dat de verhoudingen tussen CAO-lonen en uitkeringen de terugkeer naar het arbeidsproces in veel gevallen in de weg staat, gaat het om een Haags probleem en is het hypocriet van de VVD-vertegenwoordiger om beschuldigend naar de gemeenten te wijzen. Hij moet beter weten.

Overigens blijkt uit opmerkingen vanuit Den Haag dat Amersfoort het bij de uitvoering van zijn taken die voortvloeien uit de Wet Werk en Inkomen beslist niet slecht doet. Alleen al daarom zou een kamerlid terughoudend moeten zijn met het afschuiven van zijn eigen verantwoordelijkheid naar de gemeenten. Hij zou beter moeten weten.

Zaterdag 5 februari 2005

Vandaag gaven in de Amersfoortse Courant de voorzitters van Leefbaar Amersfoort en D66 een eerste impressie over de gevolgen van het besluit van D66 om voor de komende gemeenteraadsverkiezingen samenwerking te zoeken met Leefbaar Amersfoort. Omdat Leefbaar Amersfoort zich de afgelopen jaren bij voortduring heeft uitgesproken voor een bundeling tussen partijen die zich concentreren op de gemeentelijke politiek, is het niet meer dan logisch dat deze partij positief reageert op een dergelijke uitspraak.

Deze dagen vindt een eerste gedachte-uitwisseling plaats tussen vertegenwoordigers uit de besturen en fracties van deze twee partijen. D66 heeft zich de afgelopen jaren steeds meer tot een kritische oppositiepartij ontwikkeld – wat bij de kwaliteit en het optreden van het zittende college ook voor de hand ligt -, het aantal punten waarop beide partijen gelijke meningen hebben over de armoede binnen de collegepartijen en de noodzakelijke acties die in onze stad moeten worden ondernomen, neemt nog steeds toe.

Dat betekent overigens niet dat binnen enkele maanden de fracties opgaan in één organisatie. Beide partijen zijn met verschillende programma’s en intenties de afgelopen verkiezingen in gegaan en zijn gesteund door kiezersgroepen die op veel punten weinig congruent zijn. Toch mag je zeggen dat het benedenmaatse collegeoptreden beide oppositiepartijen in elkaars armen heeft gedreven, wat echter niet afdoet van het feit dat onze kiezers vooreerst recht hebben op een vertegenwoordiging in de raad die overeenkomt met hun motieven om wel op de ene, maar niet op de andere partij te stemmen.

Maar aan één ding kan je niet voorbij gaan. De oppositiepartijen moeten zich zoveel mogelijk bundelen om een tegenkracht te vormen tegenover het gebrekkige coalitiebeleid. Dit is afgelopen week nog eens duidelijk gebleken, toen de coalitiepartijen de eigen positie boven het stadsbelang stelden en door middel van opportunistische koehandel (steun jij de coffeeshop in Vathorst, dan blijven wij jouw wethouder steunen!) eigenbelang voorop stelden. Alleen door bundeling kunnen lokaal opererende partijen een voor de kiezers aansprekend alternatief vormen tegenover het gebrek aan kwaliteit binnen de bestaande coalitie en de ongeremde macht van het ambtelijke apparaat.

Een partijenfusie zit er niet in. Toch zullen Leefbaar Amersfoort en D66 het nog resterende jaar laten blijken dat op creatieve en aansprekende wijze noodzakelijke tegenkracht kan worden georganiseerd. Het zal een bundeling worden die ook ruimte openlaat voor andere partijen en voor partijloze burgers in onze stad die willen meewerken aan het moderniseren van onze plaatselijke partijencultuur.

Vrijdag 4 februari 2005

Vandaag mocht de burgemeester Annemarie Jorritsma uit Almere in het tv-programma Nova uiteenzetten wat zij tegen de gekozen burgemeester heeft. Haar argumentatie was duidelijk en, geredeneerd vanuit haar positie, ook begrijpelijk. Als minister heeft Jorritsma altijd tot de tweede garnituur behoord. Door altijd te blijven lachen – ook om eigen missers – en zich overal te vertonen waar tv-camera’s publiekelijk vermaak registreerden (zingend, door de modder kruipend en noem maar op), heeft zij toch de populariteit verworven die noodzakelijk was om als burgemeesterskandidaat in de kijkert te komen. Het huidige systeem van benoemingen door de Kroon maakt het mogelijk dat oud-bewindslieden, ook als zij in Den Haag niet zijn opgevallen door overmatige intelligentie, op een aardige burgemeesterstoel terecht komen. En vanuit de huidige systematiek doet ze het schijnbaar goed in Almere: ze is gezellig, open en iedermans vriend.

Dat is niet genoeg als burgemeesters campagne moeten voeren. Dan moeten ze met een programma komen, een visie neerzetten op de stad waar zij solliciteren en moeten zij politieke keuzen maken ten behoeve van de ontwikkeling van hun gemeente. Dat vereist naast openheid en gezelligheid ook politieke diepgang en veel zakelijke kennis.

Toch ben ik verbaasd over de behoudende, weinig creatieve opstelling van Annemarie Jorritsma. Een van de argumenten van de tegenstanders van de gekozen burgemeester is dat door dit nieuwe systeem er ruimte wordt geboden voor kandidaten met een populistisch optreden. Dus waar is ze bang voor. En toegegeven – hoe je ook over haar denkt – ze heeft meer bestuurlijke ervaring dan de andere mogelijke kandidaten met media-bekendheid die Nova in Almere wist op te sporen. Kom op, Annemarie, overwin die koudwatervrees!

Written by raphaelsmit

06/02/2005 at 13:39

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Donderdag 3 februari 2005

Er is gedonder tussen onze premier en minister De Graaf. Onderwerp: de gekozen burgemeester. De CDA-premier staat zwaar onder druk van zijn bestuurlijke achterban die de gekozen burgemeester niet zo ziet zitten. Zijn probleem ligt bij D66, die de gekozen burgemeester tot kroonjuweel heeft verheven. Wanneer de voortgang bij de wetvorming stokt en verkiezing van de burgemeesters in 2006 niet meer mogelijk is, zullen we kort na de zomer een kabinetscrisis beleven. Gezien het kiezersonderzoek leiden vervroegde verkiezingen tot een voortijdig einde van het premierschap van Balkenende. De premier is dus een gegijzelde van zijn kabinetscollega De Graaf.

Wat de gekozen burgemeester voor Amersfoort oplevert, is nog onduidelijk. Een jaar geleden heeft burgemeester Van Vliet zich tijdens een discussiemiddag in Merlot laten ontvallen dat zij zich kandidaat zal stellen, een opmerking waarvan ze achteraf ongetwijfeld spijt heeft gehad. Haar kinderen voerden tijdens de nieuwjaarsreceptie van de gemeente op ludieke wijze actie voor hun moeder, maar zelf houdt zij haar kruit nu droog tot na het zomerreces.

Mijn advies zou zijn: niet doe, Albertine. Niet alleen omdat de Amersfoortse Courant laatst een onderzoek publiceerde waaruit bleek dat de kansen er op dit moment slecht voor staan, want zo’n onderzoek zegt ook niet alles. Onze burgemeester zou moeten doen wat ook voor vele sporters geldt: weggaan op het hoogtepunt. Als enthousiaste burgermoeder scoort Albertine van Vliet uitstekend. Beleidsmatig ligt dat wat anders. Als gekozen burgermeester zal ze een politiek mijnenveld betreden waar ze nauwelijks ongeschonden uit zal komen. Eigenlijk gun ik haar dat niet.

Wie dan? Er hebben zich tot nog toe geen andere, concrete kandidaten aangemeld. De Burgerpartij heeft wel aangekondigd met een kandidaat te komen. Dat zal niet fractievoorzitter Van Wegen zijn,werd gemeld – een van de verstandigste besluiten van deze partij uit de afgelopen jaren. Al was het maar dat Van Wegen niet bestand blijkt te zijn tegen ook maar enige concurrentie in de vorm van politieke intelligente binnen eigen rij. Sinds Gerard van Vliet zich heeft geassocieerd met de Burgerpartij, wordt Van Wegen steeds meer op de achtergrond gedrongen en vervaagd zijn optreden langzaam aan in een zwak, onverstaanbaar gemompel. Wat overigens een winst is voor de stad.

Deze week werd mij gevraagd of ik zelf kandidaat zou kunnen zijn. Nou nee, bedankt! Ik ben voor een gekozen burgemeester en meen dat, nu het proces daartoe door De Graaf op gang is gebracht, in 2006 dit circus ook maar van start moet gaan – al het gekerm uit CDA-hoek ten spijt en beslist niet volgens het liberaal-democratisch tussenmodel van de PvdA(L). Maar de eerste vier jaren worden een puinhoop, daarvoor staat de provisorische wetgeving die door De Graaf is gepresenteerd garant. Ik verwacht dat het veel aantrekkelijker is om de nieuw gekozen burgemeester met zijn of haar ploeg gekloonde wethouders vanuit de raad te volgen. En wie stapt er in een nieuwe auto die de APK-keuring niet haalt, waaraan een wiel ontbreekt en waarvan de remleidingen lekken?

Woensdag 2 februari 2005

De afgelopen vier jaar zijn er heel wat pogingen gedaan om onze achterstandswijken een extra impuls te geven. Zelfs nu de minst productieve wethouder binnen het college verantwoordelijk is voor de stadsvernieuwing, is er in wijken zoals De Koppel best wat bereikt. Zijn voorganger had schijnbaar voldoende processen op gang gebracht, maar het is vooral de inzet van bewoners, enthousiaste ambtenaren en SWA-medewerkers die in elk geval iets tot stand hebben gebracht. Bewoners in De Koppel beginnen hun wijk steeds meer te waarderen, een groot aantal vrijwilligers in deze wijk gelooft er weer in.

De beloning blijft niet uit. Wethouder Van der Weg heeft besloten dat er in De Koppel een opvangcentrum voor daklozen en verslaafden komt. Slechts voor één jaar, meldt zij ferm. Maar wat in vierjaar tijd moeizaam is opgebouwd, kan je in korte tijd weer makkelijk om zeep helpen. Dat geldt op zijn minst voor het vertrouwen dat de bewoners in De Koppel hebben in het openbare bestuur.

Dat bleek in elk geval tijdens de informatieavond die gemeente deze dag in De Koppel organiseerde. De bijna honderd aanwezigen moesten constateren dat hun inbreng geen enkele waarde meer had, er is al besloten en terwijl de wethouder hen uitnodigde voor een gesprek werden de laatste likken verf op de voor sloop bestemde pabo-bouwval aangebracht. Deze moet op z’n minst nog een jaartje mee om een dertigtal probleemgevallen uit de Stovestraat een dagverblijf te bieden.

Communicatie is niet het sterkste punt van ons college. Meestal komt dat te laat en heeft het voor de bewoners geen enkele zin. Dat was ook deze avond het geval. De zalvende woorden vanachter de tafel misten hun effect, ook de opmerking van de politiewoordvoerder dat alle berichten in de krant over regelmatige problemen rondom de Meridiaantunnel voor een deel uit de journalistieke duim zijn gezogen. Het optreden van de politiewoordvoerder was op dit punt ver beneden peil.

Voor de rest bood de avond het bekende beeld. Een wethouder die nog niet heeft geleerd hoe je met kritiek om moet gaan, functionarissen die met potten zalf rondliepen, woedende bewoners en misnoegen alom. En natuurlijk: de opvang in De Koppel gaat door, alle protesten van de omwonenden ten spijt!

Written by raphaelsmit

04/02/2005 at 09:19

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Dinsdag 1 februari 2005

Vier moties, vier keer verworpen! Een verloren avond voor de oppositie? Geenszins, integendeel! De raadsvergadering van deze avond maakte veel zaken helder, zadelde de coalitie met (minimaal) een probleem op en was leerrijk voor de campagneperiode die over enkele maanden van start gaat. De oppositie vormde voor de eerste keer één blok op een politiek belangrijke zaak. De getergde wijze waarop de coalitiepartijen op sommige momenten reageerden op opmerkingen vanuit de oppositie, gaven een aardige indicatie van de plaats waar zenuwen bloot liggen. Een raadsvergadering die de komende maanden nog heel wat gevolgen zal hebben.

De twee moties tegen de vestiging van een caffeeshop in het enige winkelcentrum dat Vathorst rijk is, werden afgepoeierd. Dat gold dus ook voor de motie van Leefbaar Amersfoort, waarin om een constructieve oplossing werd gevraagd waarbij ook rekening werd gehouden met de belangen van de ondernemer van De Schommel. Wat de discussie aan het licht bracht was de banaliteit van de opgestelde regels. De criteria voor de vestiging van een caffeeshop zijn opgesteld in andere tijden, toen niemand op de gedachte kwam dat ooit een discussie zou ontstaan over de vestiging van een caffeeshop in een zich ontwikkelende vinexlocatie. Op dit punt is een nieuwe visie meer dan noodzakelijk. Intussen zitten de bewoners in Vathorst met de problemen, een weinig benijdenswaardige situatie.

De motie over het beleid van wethouder Van der Weg rond de opvang van overlast veroorzakende daklozen, niet alleen door drugs maar ook door alcohol, was niet zozeer om de inhoud van belang, maar vooral om de wijze waarop deze tot stand kwam. Voortaan moet elk lid van de oppositie die een kritische opmerking maakt over een wethouder een motie achter de hand houden. Het worden interessante tijden! Interessant ook voor wethouder Van der Weg, die weliswaar met veel enthousiasme een beleid probeert neer te zetten, maar zichzelf tegenkomt bij de uitvoering. Naar mate de tijd verstrijkt, zal haar gebrekkig incasseringsvermogen steeds vaker op de proef worden gesteld.

Bij de motie van wantrouwen rond het optreden van mr. P. Strengers, huisjurist in vaste dienst, gebeurde het meest voor de hand liggende: de coalitiepartijen trokken samen op. Dat een motie van de oppositie het op dit punt zou halen, zou tegen de parlementaire adat zijn geweest. De coalitiepartijen moeten dit vuiltje de komende maanden dus zelf oplossen. Twee zaken waren daarbij het bemerken waard. Enkele leden van de PvdA en Groen Links steunden de motie van wantrouwen, wat een indicatie is voor de pijn die binnen de coalitie wordt geleden. Daarnaast hadden vrijwel alle sprekers vanuit de coalitie ook de nodige kritiek op het optreden van mr. Strengers en werd te term ‘gele kaart’ gehanteerd. De coalitiepartijen accepteerden de toezegging van mr. Strengers dat hij zijn leven zal beteren.

Een gele kaart geef je in het algemeen na een eerste overtreding, maar in dit geval kon je nauwelijks van een eerste overtreding spreken, mr. Strengers bedrijft al een jaar lang spelbederf en is daar al vaker op aangesproken. Wat dat betreft was de rode kaart van de oppositie meer dan op zijn plaats. En de hoop dat mr. Strengers zijn leven gaat beteren lijkt mij een illusie, daarvoor mist hij het vermogen tot zelfreflectie en de bereidheid om adviezen aan te nemen. De tot nog toe door mr. Strengers gevolgde cursussen hebben geen enkel spoor achtergelaten.

Steeds weerzinwekkender wordt het optreden van de VVD. Deze grootste fractie is het, ook na een tweede aanloop, nog steeds niet gelukt om een wethouder van enig postuur te presenteren. Als déze twee wethouders tot de parels van deze partij behoren, dan vallen mij de overige fractieleden – die vandaag hun onverdeeld vertrouwen in mr. Strengers uitspraken – toch wel wat tegen. Een bijzondere positie neemt daarbij fractievoorzitter Ruud Luchtenveld in. Als burger van deze stad heeft hij gekozen voor bestuurlijke verantwoording op lokaal niveau. Hij treedt (bij gebrek aan beter?) zelfs op als fractievoorzitter. In het verleden heeft hij bewezen ’n vele malen betere wethouder te zijn dan zijn huidige twee partijgenoten in het college. Zijn persoonlijke, Haagse, ambities zijn hem echter meer waard dan het belang van de stad. Liever laat hij partijgenoot-collegeleden bungelen dan de bedroevende voortgang binnen het college te helpen oplossen.

Written by raphaelsmit

02/02/2005 at 12:51

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Maandag 31 januari 2005

Omroep Amersfoort meldt vandaag op zijn teletekstpagina’s dat de VVD bij de motie van wantrouwen, gericht tegen hun partijgenoot Paul Strengers, een unaniem standpunt zal innemen. Dat is een bericht waard, want het is intussen een publiek geheim dat de VVD-fractie uit verschillende vleugels bestaat waarbinnen uiteenlopend wordt geoordeeld over de kwaliteiten van de twee VVD-wethouders.

Welk standpunt de VVD bij behandeling van de motie gaat innemen, werd overigens niet gemeld. Ik heb zo mijn gedachten daarover, maar kan het net zo goed mis hebben. Tot nog toe heeft de VVD-fractie niet gemeld dat zij het beleid van haar partijgenoten binnen het college afkeurt, al werd er de afgelopen tijd wel kritiek geuit. Een echte steunbetuiging heb ik overigens ook nog niet gehoord. We zullen zien wat er morgenavond gebeurt.

Wat wel duidelijk is: Paul Strengers laat het op een stemming aankomen. In het verleden heeft hij laten blijken zich weinig van kritiek aan te trekken (misschien begrijpt hij de kritiek ook niet eens!), dus wat dat betreft kan hij de discussie dinsdagavond in schijnbare rust afwachten. Op zichzelf is dat een consequente zaak: de wethouder laat regelmatig blijken dat het wezen van het openbare bestuur hem ontgaat en is redelijk ongevoelig voor adviezen. De essentie van de maatschappelijke discussie rondom zijn persoon zal hem dus grotendeels ontgaan. Op dat punt gedraagt hij zich als een ervaren balieadvocaat die van een verloren zaak niet ondersteboven raakt. Al was het maar omdat het dossier waarvoor hij opkomt uiteindelijk, emotioneel gezien, toch niet de zijne is!

Natuurlijk speelt er voor coalitiepartijen ook nog een andere overweging. Je kunt wel kritiek hebben op een collegelid, maar die laat je niet weg sturen door de oppositie! Dat vuiltje knap je zelf wel op, dat doe je niet onder druk van je politieke tegenstanders. Eventuele steun die de wethouder morgenavond van zijn coalitiegenoten krijgt, is dus mogelijk geleend. Wat niet afdoet van het feit dat een stem tégen een motie van wantrouwen het uitspreken van vertrouwen in Paul Strengers impliceert. Coalitiepartijen die morgen op die wijze hun vertrouwen in de wethouder uitspreken, zijn medeverantwoordelijk voor al het gedoe dat de wethouder de komende maanden ongetwijfeld nog weet te veroorzaken.

En tot slot: ik blijf mij verbazen dat de grootste fractie in de raad niet in staat is om wethouderskandidaten voor te dragen met enig bestuurlijk kaliber, zelfs niet na een geboden doorstart. Armoede troef binnen de VVD!

Written by raphaelsmit

01/02/2005 at 11:30

Geplaatst in Uncategorized