Politiek Dagboek

Beschouwingen van Raphael Smit over Politiek Amersfoort en Omstreken

Archive for februari 2010

Omroep Amersfoort: het einde van een lijdensweg

Vrijdag 26 februari 2010

Omroep Amersfoort gaat vanaf maandag uit de lucht. Wat Radio M ruim tien jaar geleden niet lukte, is nu wel gelukt. RTV Utrecht heeft een concurrent uit de markt gedrukt. Onder de vlag van ‘samenwerking’ wordt een lokale omroep, die de afgelopen decennia een hoog aanzien in lokaal medialand genoot, om zeep geholpen.

Verbaasd ben ik niet. In 1999 trok de BDU onverwacht de handen af van Omroep Amersfoort. Waarom en hoe, daar is een boek over te schrijven. Ik was sinds toen sinds enkele maanden voorzitter van de omroep, die kort daarvoor een bestuurlijke crisis had doorgemaakt. In plaats van een statutaire taak moest ik vol aan de bak om een doorstart te organiseren. Gelijktijdig vond de Utrechtse mediagedeputeerde dat onze provincie, als laatste, een provinciale televisiezender moest krijgen. Haar idee: combineer de technische kennis van de twee lokale televisiebedrijven – Utrecht en Amersfoort – met de provinciale kennis van Radio M.

Klonk aardig. Maar het bestuur van Radio M en een groot deel van zijn medewerkers keken met de nodige dédain naar de twee lokale omroepen, die bede vooral op vrijwilligers steunden. Met als grootste verschil dat het Utrechtse gemeentebestuur meer dan een miljoen guldens voor een lokale zender overhad, terwijl in Amersfoort elk jaar spanning heerste omtrent de vraag: krijgen we een subsidie van ongeveer tien procent van het Utrechtse bedrag. Het Amersfoortse gemeentebestuur zat graag voor een dubbeltje op de eerste rang – toen, en nu ook.

De beoogde samenwerking ging niet door. Al spoedig bleek dat Radio M helemaal niet in de lokale vrijwilligers was geïnteresseerd. Eventuele samenwerking zou uitlopen op commercieel en technisch kannibalisme – net als nu overigens, naar ik vermoed. Wel rekte ik het overleg maanden en maanden op om een deel van de met ontslag bedreigde medewerkers uit de BDU-tijd binnen de nieuwe provinciale zender te loodsen.

Er was toen overigens best een vorm van samenwerking mogelijk. ‘Vensterprogramma’s ‘ was het toverwoord. Maar dat hield in dat de mensen van Radio M toch iets hadden moeten inleveren, en dat zat er niet in. Overigens heeft Radio M vele gesprekken lang vastgehouden aan een bij hen passende naam voor de nieuwe provinciale tv-zender: TVM. Nadat ik vrachtwagens met reclame voor een gelijknamig verzekeringsbedrijf op de weg zag, kon dit idee van tafel.

En nu is het dus toch zover. En nog erger dan in  1999. De oude apparatuur van toen, die met veel kunst- en vliegwerk nog jaren dienst heeft gedaan, is intussen met een forse gemeentelijke subsidie vervangen. De ongeclausuleerde voorwaarde van ons gemeentebestuur betreffende samenwerking met RTV Utrecht heeft zich ontpopt als een paard van Troye. Hopelijk weet een Aeneas nog aan deze annexatie te ontsnappen, een Dido te ontwijken en met een nieuw initiatief te komen.

Dat brengt mij overigens bij Eemland TV, vorig jaar de grote concurrent van Omroep Amersfoort. Lieve mensen, maar ik heb het bedrijfsplan gelezen waarmee zij onze stad van een lokaal radio- en tv-station wilden voorzien. Het financiële debacle zou nog groter zijn geweest dan bij Omroep Amersfoort. Het feitelijke punt is: een publiek televisiestation in de lucht houden kan alleen maar met een forse overheidsubsidie. En dat hebben we er in Amersfoort niet voor over, dus is het nu ‘einde oefening’.

 Citaten zijn beter dan argumenten. Met citaten kan men een debat winnen, zonder de tegenstander te overtuigen.

Written by raphaelsmit

28/02/2010 at 15:49

Geplaatst in Amersfoort

De toekomst van de Otto Scheltusflat

Donderdag 25 februari 2010

De bewoners in de Otto Scheltusflat ontvingen afgelopen week een brief van hun huisbaas, Alliantie Eemvallei. Daarin werd nadere informatie gegeven over de plannen voor dit wooncomplex voor ouderen. De Alliantie wil de Otto Scheltusflat omvormen tot een Short Stay Facility. In samenwerking met drie zorginstellingen worden leegkomende appartementen tijdelijk toegewezen aan mensen met een verstandelijke beperking, psychische problematiek en dergelijke.

De brief maakt in elk geval één ding duidelijk: de informatie tot nog toe aan de huidige bewoners is niet adequaat geweest. Dat bleek direct al nadat ik begin deze maand door middel van schriftelijke vragen de zaak onder de aandacht bracht. Tot dat moment was de – beperkte – informatie vooral gericht op bezwichten. Dat De Alliantie geen onnodige onrust wilde wekken is een goede zaak. Maar dat ontslaat haar natuurlijk niet van de plicht om klare wijn te schenken. En daaraan ontbrak het tot voor kort, getuige ook de vele reacties tijdens bewonersbijeenkomsten. En getuige ook de brief van afgelopen dagen.

Ik ga niet uitgebreid op de brief in, dat is vooral een zaak voor mijn fractiegenoot Ruud Schulte die het ouderenbeleid in zijn portefeuille heeft. Maar één ding kan ik toch niet onvermeld laten.

In de brief wordt – alweer bezwichtend – gesteld dat de functieverandering van de Otto Scheltusflat zeer geleidelijk gaat en beslist meer dan zes jaar in beslag neemt. Er komen per jaar maar 15 tot 18 woningen leeg die aan zorgpatiënten worden toegewezen, dus waar praten we over. Daarbij wordt voorbijgegaan aan een zinsnede uit een notitie waarmee B en W hebben ingestemd. Letterlijk staat daar: ‘Uiteindelijk zal de mengvorm van bestaande huurders met een contract voor onbepaalde tijd (senioren) en tijdelijke huisvesting het natuurlijke verloop versnellen.’ Met andere woorden: door de toewijzing aan zorgpatiënten zal het aantal leegkomende woningen groter worden dan het tot nog toe gebruikelijke aantal van 15 tot 18 woningen. Dat staat dus niet in de brief van De Alliantie.

Als raadslid houdt ik mij in het bijzonder bezig met de stedelijke ontwikkeling van onze stad. In dat licht ben ik nieuwsgierig wat de lange termijnvisie van De Alliantie omtrent de Otto Scheltusflat is. In de brief aan de huidige bewoners wordt renovatie van de hand gewezen. Sloop en herontwikkeling wordt ook van de hand gewezen, want dat betekent: gedwongen verhuizing voor iedereen.

Maar de Otto Scheltusflat ligt op en interessante plek tussen station en stadscentrum, midden in een kantorenwijk. Ik voorzie toch wel sloop, maar dan op de middenlangere termijn, nadat de huidige bewoners grotendeels door sterfte of verhuizing zijn verdwenen. Door het gebouw stap voor stap om te vormen tot een gebouw voor tijdelijke bewoning, kan De Alliantie rond 2020 veel makkelijker plannen maken en is zij ook niet gebonden door de 70-procent instemmingregel die voor de vaste bewoners geldt. Ik voorzie dat er rond 2025 op de plek van de Otto Scheltusflat een commercieel gebouw staat, eventueel gecombineerd met moderne, niet al te goedkope appartementen.

 De Rabbi vertelt: ‘Op een dag vindt een houthakker midden in het bos een zuigeling. Hoe zal hij het kind te eten geven. Hij bid tot god, en er vindt een wonder plaats: de houthakker groeien borsten aan en zo kan hij het kind voeden.’ Het verhaal bevalt de kleine Schmul niet. ‘Rabbi, waarom zo een omstandig wonder met vrouwenborsten bij een man. God had toch ook gewoon een zak goud naast de zuigeling kunnen leggen!’ De Rabbi denkt na en verklaart dan: ‘Fout. Waarom zou god baar geld uitgeven indien hij ook met een goedkoop wonder het probleem kan oplossen!’

Written by raphaelsmit

27/02/2010 at 09:04

Geplaatst in Amersfoort

Vijftien jaar betrokken bij Vathorst

Woensdag 24 februari 2010

‘Hoezo? Ben jij al vijftien jaar betrokken bij de ontwikkeling van Vathorst?’ Die vraag werd mij vandaag gesteld. Aanleiding was een advertentie in Vathorst Nu. Daarin staat over mijn persoon dat ik vijftien jaar bij het wel en wee in Amersfoorts nieuwste stadsdeel ben betrokken. Ik moet toegeven: ik was zelf ook verbaasd toen ik dat opschreef. Maar het klopt wel!

In 1995 besprak de Amersfoortse gemeenteraad een haalbaarheidsstudie voor Vathorst, opgesteld door het onderzoeksbureau Kolpron. Ik zat net in de raad en mocht mij met dit onderwerp bezighouden. Kolpron concludeerde dat bouwen aan de andere kant van de A1 stedenbouwkundig wel mogelijk was, maar financieel moeilijk haalbaar zou zijn. Dat kwam vooral door een aantal vuilstortplekken die ingrijpend moesten worden gesaneerd. Uiteindelijk loste een extra subsidie van het Rijk dit probleem op.

Daarna heb ik drie jaar lang de PvdA-fractie regelmatig voorzien van kritische memo’s over de beoogde ontwikkeling van Vathorst. Ik heb ze bewaard in mijn archief, bij teruglezen hoef ik mij niet te schamen over deze bijdragen. Enkele daarvan hadden profetische waarde.

Van 1998 tot 2002 was ik vice-voorzitter van de SGLA. Het bestemmingsplan Vathorst was een van onze grote klussen. We dienden een aantal bezwaarschriften in en gingen daarbij tot aan de Raad van State. We werden in het gelijk gesteld ten aanzien van de gebrekkige ontsluiting van Vathorst. Dat leverde een schorsing van het bestemmingsplan op. Pas na een jaar, toen Amersfoort, Nijkerk, twee provincies en de ministeries VROM en V en W een overeenkomst hadden afgesloten, werd de schorsing opgeheven. De versnelde aanleg van de ontsluiting vanaf de A28, via de Verbindingsweg, was een van de kernpunten uit deze overeenkomst.

Vanaf het moment dat ik in 2002 weer in de raad terugkeerde, heb ik tientallen schriftelijke vragen over de ontwikkeling van Vathorst gesteld: over het verkeer, de economische ontwikkeling, de afvalberg van Smink, de voorzieningen, het openbaar vervoer en noem maar op. En er staan voor de komende periode nog enkele initiatiefvoorstellen op de rail. Ik moet ze alleen nog uitschrijven, in deze campagneperiode ontbreekt mij daarvoor de tijd.

Uiteraard ben ik ook op andere wijze bij Vathorst betrokken. Met Sieta Koet ben ik een actie gestart tegen de ondoorzichtige prijsvorming en hoge afrekeningen bij de stadsverwarming. En als penningmeester van de VHB-bewonerscommissie hoop ik mijn steentje bij te dragen aan een goed huurbeleid van de SC.

En om het plaatje rond te maken: ik heb ook nog een doorgeschoten hobby: het bijhouden van de woningmarkt in Vathorst. Al anderhalf jaar verzamel ik wekelijks Vathorstgegevens over de ontwikkelingen op de woningmarkt. En om er een goed oordeel over te kunnen geven verzamel ik ook nog de gegevens van twee referentiewijken. Een doorgeschoten hobby dus, maar wel een die veel inzicht verschaft. Na de verkiezingen ga ik de verzamelde gegevens maar eens bewerken.

Ergo: ja, ik ben al vijftien jaar betrokken bij de ontwikkeling van Vathorst!

 Een heersende elite die door bedrog zijn machtspositie verdedigt, bewijst daarmee haar menselijkheid en goede wil. Ze had immers ook geweld kunnen gebruiken!

Written by raphaelsmit

25/02/2010 at 10:43

Geplaatst in Amersfoort

Geen verdere stadsuitbreidingen na Vathorst

Dinsdag 23 februari 2010

Ik was maandagmiddag even onderweg, zodat ik een telefoontje met de Amersfoortse Courant miste. Er was ingesproken op mijn telefoon, zodat ik wist wat het doel van het telefoontje was. Een aantal raadsleden die gespecialiseerd zijn in de ontwikkeling van de stad werd om hun mening gevraagd. Vandaag las ik in de krant de meningen van enkele raadscollege’s. Het onderwerp was interessant: moet de stad verder groeien.

Voor de BPA is verdere uitbreiding van de stad na voltooiing van Vathorst niet meer aan de orde. Ja maar, roepen sommige andere fracties in koor, er zijn wachtlijsten met woningzoekenden en je moet toch aan de huisvesting van onze kinderen denken. Allemaal waar, maar meer dan twintig jaar geforceerd bouwen heeft de wachtlijsten nog nooit opgelost. Integendeel, kan je zeggen, en dat is ook logisch. Hoe meer de stad groeit, hoe groter de vraag  naar nieuwe woonruimte onder volgende generaties. Dat proces zal overigens binnen enkele decennia stoppen want de krimp van het aantal inwoners in ons land zal ook aan Amersfoort niet voorbijgaan.

Maar we hebben Vathorst-West nog, roepen sommige raadsleden. Of dat een haalbaar project is, is nog maar de vraag. Voorlopig ziet het er naar uit dat de financiële risico’s groter zijn dan het bedrag dat moet worden terugverdiend na de uitkoop van het geplande baggerdepot van Smink. Indossant daarbij is dat er een berg geld is betaald om de baggerstortput naast Vathorst te voorkomen, maar binnenkort kan Smink vrolijk fluitend toch tonnen bagger in de meest vervuilde categorie gaan storten boven op de bestaande berg afval. Vijf meter extra hebben gemeentebestuur en provincie de afvalverwerker toegestaan.

Hooguit zou in Vathorst-West de ongeveer twintig hectare grond die de gemeente zelf in bezit heeft met zo’n zes- tot zevenhonderd woningen bebouwd kunnen worden. Een kleine enclave zonder kostbare voorzieningen. Misschien iets voor de uitgifte aan particuliere opdrachtgevers. Van de andere kant: wie wil er naast een afvalberg wonen, onder de heersende wind dus met de nodige risico’s op stankoverlast.

Uit de reacties die enkele fracties vandaag in de Amersfoortse Courant ten beste gaven, blijkt dat de belangstelling voor het bouwen nog lang niet is weggeëbd. Dat hoeft ook niet, indien je je op het bouwen binnen de bestaande stadsgrenzen richt. Dat zal echter niet zonder problemen zijn, want bouwen in de beslaande stad is duurder dan bouwen in het open weidegebied. Tot nog hebben de woningcorporaties heel wat extra geld beschikbaar gesteld voor het bouwen in de bestaande stad. Aan die mogelijkheid komt waarschijnlijk een einde, de corporaties komen steeds meer onder financiële druk te staan.

Het artikel in de Amersfoortse Courant bevat ook een grotesk bewijs aan onbenul. Een van de lijsttrekkers ziet in Vathorst een enorme leegstand ontstaan, er wordt nog nauwelijks een huis verkocht. Los van het feit dat hij met deze uitspraken heel wat inwoners in Vathorst geen dienst bewijst: het klopt gewoon niet.

Oké, de woningmarkt in Vathorst is niet meer wat het vijf of tien jaar geleden was. Maar nog altijd is er beweging op de woningmarkt in dit stadsdeel. Afgelopen vier weken werden er veertien woningen uit de bestaande voorraad verkocht. En bij de nieuwbouwprojecten verdwenen 17 aanbiedingen van de lijst. Florissant is het misschien niet, maar er is nog steeds beweging. En van opvallende leegstand, meer dus dan de normale frictieleegstand, heb ik nog niets gezien.

 ‘Moische, waarom zit er geen letter “P” in de naam Haman?’ ‘Maar in de naam Haman zit toch helemaal geen letter “P”!’ ‘Waarom dan niet?’ ‘Ja, wat zal dat dan: een letter “P” in de naam Haman?’ ‘Nouja, dat vraag ik je toch!’

Written by raphaelsmit

24/02/2010 at 11:41

Geplaatst in Amersfoort

Het sprookje van een links college

Maandag 22 februari 2010

Zondagmiddag vond in Zandfoort aan de Eem een discussie plaats over de linkse toekomst van Amersfoort. Is er na de verkiezingen van 3 maart een mogelijkheid om een links college te vormen, was de vraag. Mijn antwoord: dat is nauwelijks voorstelbaar. De organisator van de bijeenkomst, de SP, was optimistischer.

Vijf partijen waren uitgenodigd: PvdA, Groen Links, de BPA, D66 en de SP. Rekening houdend met het feit dat D66 de gedaanteverandering van Jouw Amersfoort is, kan worden gesteld: drie oppositiepartijen tegenover twee coalitiepartijen. Momenteel zijn deze partijen samen goed voor 25 zetels, hoe dat er na de verkiezingen uit ziet is moeilijk te voorspellen. Maar de vraag die vooral een rol speelt: zijn al deze vijf partijen linkse partijen?

D66 was in het verre verleden, in de tijd van Joop den Uyl en Hans van Mierlo, een progressielinkse partij. Dat etiket heeft D66 al lang verloren. Een decennium terug, tijdens het Paarse kabinet van Kok, heeft D66 samen met de PvdA zijn ideologische veren afgeschud. Het is niet voor niets dat D66 in het kabinet Balkenende 2 moeiteloos kon aanschuiven bij het CDA en de VVD. Dus: wat is er links aan D66?

De BPA afficheert zich al bijna twaalf jaar met de kreet: ‘Niet links, niet rechts, maar lokaal’. Dat blijkt ook uit de praktijk van de afgelopen jaren. Wanneer het om sociale zaken, stemt de BPA vaak mee met de SP of met andere linkse partijen. Maar bij zaken zoals verkeer kunnen BPA en VVD elkaar veel beter vinden. En de BPA is altijd tegen staatjesalbedil geweest, tegen de gedachte die bij links leeft dat de staat alles kan regelen. Vanuit dat standpunt is de BPA steeds voor inkrimpen van het ambtenarenapparaat geweest en tegen het verhogen van plaatselijke lasten. Ook eerder iets waar de VVD als makker kan optreden. De BPA dus: niet links, niet rechts (of van beiden een beetje).

En zouden de drie andere partijen, die zich als links afficheren, makkelijk met elkaar kunnen samenwerken? Ik vermoed van niet. De PvdA is een typische bestuurderspartij (daarin komt zij overeen met D66) met een cultuur die hemelsbreed afwijkt van die van de SP. Over Groen Links is moeilijker een oordeel te geven, deze partij is meestal vis noch vlees, behoudens zaken die met het milieu samenhangen.

Dat alles overziende, is de kans op een links college uiterst beperkt. Voor mij zou een links college in elk geval wel één voordeel hebben: dat is altijd nog beter dan de regenboogcoalitie die we nu hebben. Zo’n regenboogcollege kenmerkt zich door starheid en gebrek aan creativiteit. Men past op de winkel, maar de natuur van de partijen, van VVD tot CU en van PvdA tot CDA, ligt te ver uiteen om tot echt nieuw beleid te komen. Maar tegen dat licht zou je ook kunnen pleiten voor een duidelijk rechts college.

Wat we in elk geval moeten voorkomen is een college dat weer uit vijf totaal verschillende partijen bestaat. Voor een solide college zijn drie partijen genoeg, misschien vier, maar dan begint het toch al weer op watergruwel te lijken. Een gerecht dat overigens rood is!

 De wetenschap is hard op weg om een prothese te ontwikkelen die vanuit de hersenen wordt bestuurd. Misschien wordt er ook nog eens een middel gevonden om mensen met gezonde ledematen vanuit de hersenen te laten functioneren.

Written by raphaelsmit

23/02/2010 at 19:52

Geplaatst in Amersfoort

OBV laat sloepbezitters zakken

Vrijdag 19 februari 2010

 De vereniging Watersport De Laak is boos op het Ontwikkelings Bedrijf Vathorst (OBV). Terecht! Vaarbeloften die jaren geleden zijn gedaan, zijn nog steeds niet nagekomen.

Ik kan het mij nog herinneren, bij de start van de verkoop van woningen in Vathorst. De nieuwe wijk, en dan in het bijzonder Laak, zou vergeven zijn van de grachtjes en kanalen. Via de waterloop de Laak zou zelfs een open verbinding met de Randmeren tot stand komen. Kopers van woningen werd de gelegenheid geboden om, onder deskundige leiding, een eigen boot te bouwen: de Laakse Sloep of zo iets! Wat zou er mooier zijn dan met je sloep naar het einde van de Malewetering te varen, daar aan te leggen en te gaan inkopen in het winkelcentrum!

Jarenlang was (en is misschien nog steeds) in de oude bouwloods van Van Bekkum aan de Brenninkmeijerlaan in Hooglanderveen een werkplaats ingericht waar bewoners zelf hun sloep bouwden. Het idee was zo slecht nog niet. Door samen een half jaar bezig te zijn kweek je goede buren. Maar waar het OBV onvoldoende rekening mee heeft gehouden: wie een boot bouwt, wil er ook wel in varen.

En daaraan ontbreekt het dus. ‘Het enige wat ik nu kan, is een kwartiertje linksom en een kwartiertje rechtsom,’ aldus een van de leden van Watersport De Laak. Intussen hebben enkele van de leden hun boot verkocht. Varen naar de randmeren zit er de eerste tien jaar niet in, zo verwachten de sloepbezitters. Het OBV heeft begrip voor de teleurstelling. ‘Deze bewoners zijn pioniers, dan kan ik me voorstellen dat ze het lang vinden duren,’ merkt een OBV-woordvoerder op.

De enige troost die het OBV kan bieden is de toezegging dat binnenkort tussen twee delen van Laak een sluisje wordt geopend. ‘Dan zijn er leuke rondjes te varen door De Laak,’ aldus de woordvoerder. Spannend! Ik vind dat het hele sloepenverhaal enkele dingen duidelijk maakt. Marketingjongens maken hun eigen plannetjes, zonder de realiteit in het oog te houden. Regelmatige communicatie over de stand van zaken heeft blijkbaar niet plaatsgevonden. Bezuinigingen worden aangegrepen om de vaarmogelijkheden voor de sloepen in Laak 2 te beperken. Bewoners hebben, gestimuleerd door het OBV, vele duizenden euro geïnvesteerd maar het OBV komt nu zijn beloften niet na.

 In een treincoupé is graaf Esterhazy in gesprek met de man tegenover hem. Na enige tijd stelt hij zich voor: ‘Ik ben graaf Esterhazy.’ De andere heer: ‘Aangenaam. Ik ben de Grote God.’ Graaf Esterhazy is beledigd. ‘Meneer, u neemt mij in de maling.’ Zijn gesprekspartner: ‘Beslist niet. Ik ben handelsreiziger. En telkens als ik ergens binnenstap, zeggen de mensen: Grote God, ben je daar alweer!’

Written by raphaelsmit

21/02/2010 at 22:25

Geplaatst in Amersfoort

College steekt kop in het zand

Donderdag 18 februari 2010

B en W van Amersfoort erkennen dat het verkeer in Vathorst problemen oplevert. Het heeft allerlei oplossingen onderzocht om aan de verkeersproblemen een einde te maken, maar een echte oplossing is niet in zicht. Dat blijkt uit antwoorden van het college op vragen vanuit de BPA-fractie.

Uit de beantwoording van de vragen blijkt dat het college de verkeersoverlast in Vathorst vooral wijt aan het sluipverkeer.Dat is slechts ten dele waar. Nog voor de afgelopen zomer de nieuwe aansluiting van Vathorst op de A28 werd geopend, was er al sprake van toenemende verkeersoverlast. Dat is verontrustend omdat nog niet eens de helft van de woning- en bedrijfsbebouwing in Vathorst is gerealiseerd. De problemen kunnen dus alleen maar toenemen.

Het college wil niet erkennen dat de problemen bij het Vathorster verkeer het gevolg zijn van ontwerpfouten. Het gaat er van uit dat de problemen van voorbijgaande aard zijn. Nadat de A1 en de A28 zijn verbreed en het kruispunt Hoevelaken ingrijpend is gewijzigd, zal Vathorst geen last meer hebben van het sluipverkeer, aldus het college. Waarmee het de ogen sluit voor het feit dat het sluipverkeer de problemen wel verergert, maar niet de enige oorzaak van de problemen is.

Wat het sluipverkeer betreft: al jaren geleden is er gewaarschuwd voor sluipverkeer. Maar het college wees deze waarschuwing van de hand. Nu het toch zover is gekomen, ziet het college als oplossing voor de korte termijn het vergroten van de capaciteit van de A28, zoals dat door Rijkswaterstaat wordt nagestreefd. Deze capaciteitsvergroting moet onder meer ontstaan door het aanleggen van spitsstroken. De kwestie is echter dat de extra capaciteit vooral aan de westzijde van het knooppunt Hoevelaken en langs de A1 wordt gecreëerd. Voor het verkeer vanuit Zwolle, de kant waar de nieuwe aansluiting ligt, heeft dit onvoldoende effect.

Een andere oplossing ziet het college in de afstelling van de stoplichten bij de kruising van de Verbindingsweg met de Boerderijenboulevard. Met deze oplossing wordt het kind met het badwater weggegooid. Door de stoplichten anders af te stellen, wordt weliswaar sluipverkeer ontmoedigd. Maar ook het bestemmingsverkeer naar de bedrijfsterreinen in Vathorst wordt daardoor belemmerd. Het gaat al matigjes (bedrijven) tot slecht (Podium) met de afzet van bedrijfsterreinen in Vathorst. Door de toegang via de Verbindingsweg nagenoeg af te sluiten, verliezen de Vathorster bedrijfsterreinen nog meer van hun aantrekkelijkheid.

 Dat zou ik graag willen weten: of de spreuk ‘Het recht zal zegevieren’ is uitgevonden door iemand die voor gerechtigheid opkomt of door iemand die heeft gezegevierd.

Written by raphaelsmit

21/02/2010 at 19:46

Geplaatst in Amersfoort