Politiek Dagboek

Beschouwingen van Raphael Smit over Politiek Amersfoort en Omstreken

Archive for maart 2005

leave a comment »

Wethouder Piet Jonkman heeft lak aan de gemeenteraad

Dinsdag 29 maart 2005

Het moest een informatieve bijeenkomst worden. Bijna een maand nadat het college de nota over de Binnenstedelijke Vernieuwing presenteerde, zijn de raadsleden deze avond uitgenodigd door wethouder Piet Jonkman. Een verplicht nummertje, afgedraaid door een wethouder die aan de raad hoegenaamd geen boodschap heeft. Dat blijkt niet alleen uit de periode van vier weken die sinds de presentatie aan de media voorbij zijn gegaan alvorens de raad wordt bijgepraat, maar ook uit het feit dat half Amersfoort met de notitie liep te zeulen, terwijl het niet bij de wethouder was opgekomen om ook de raad van de notitie te voorzien.

Een pijnlijke zaak omdat de raadsleden wel door allerlei individuele burgers en groeperingen op de nota werden aangesproken en deel konden nemen aan een Zonnehofdebat over deze nota, zonder de inhoud daarvan te kennen. Samen met mij trok een tiental raadsleden bij de griffie aan de bel, die de notie kopieerde en alsnog rondzond. Na de opmerking dat de raadsleden slechts over zwart-witkopieën van de – voor de informatie belangrijke – kaartjes beschikten, legde Piet Jonkman de schuld bij de griffie. Een gotspe, hij had zelf het initiatief tot rondsturen moeten nemen. Het feit dat hij dat naliet, tekent het feit dat deze wethouder schijt heeft aan de gemeenteraad.
De informatie die Piet Jonkman verschafte, was een samenvatting van de door de griffie verstrekte nota. Er mochten vragen gesteld worden, waarvan ook gebruik werd gemaakt. Vele vragen bleven echter onbeantwoord, wat overigens ook het gevolg kan zijn van het bekende gebrek aan kennis bij deze wethouder. Een vraag waarop hij bijvoorbeeld niet inging, betrof de relatie tussen de afspraken die Piet Jonkman in het kader van de Binnenstedelijke Vernieuwing gaat maken met de woningcorporaties en de nieuwe woonvisie die Gerda Eerdmans, wethouder Volkshuisvesting, binnenkort presenteert en die ook moet uitmonden in afspraken met de corporaties. Bij steeds meer mensen groeit de overtuiging dat bij het overleg met de woningcorporaties twee wethouders elk hun eigen weg gaan.
Standpunten kwamen nog niet ter discussie. Wel is door Leefbaar Amersfoort gemeld dat de visie die Piet Jonkman – of althans de voor hem schrijvende adviseurs – heeft over de functie van het groen in de wijken, en vooral over het opofferen van groen, niet door ons wordt gedeeld. Dat geldt niet alleen voor de onaanvaardbare aantasting van het Waterwingebied tussen Liendert en Rustenburg, maar ook voor de vele andere onderdelen van de nota Binnenstedelijke Vernieuwing.

Een vreemde zaak is het dat op 1 maart het college de nota Binnenstedelijke Vernieuwing vaststelde en aan de media en vele anderen presenteerde, maar dat deze ochtend het college een herziene visie heeft vastgesteld. Toegezegd is dat de raadsleden deze tweede visie donderdag op de deurmat hebben liggen. Hopelijk zit er ook een memo bij op welke punten er wijzigingen zijn aangebracht want anders wordt iedereen die de eerste uitvoering heeft gelezen, gedwongen om opnieuw zestig pagina’s te lezen. In elk geval is te hopen dat de tweede bijlage die in de inhoudsopgave van de eerste versie van de nota is opgenomen – de Ruimtelijke Analyse Palmboom & Van den Bout – in de tweede versie van de wel is meegenomen.
Piet Jonkman presenteerde zijn plannen als vaststaand beleid, terwijl de raad hierover nog geen enkel oordeel heeft gegeven. Daarop aangesproken haastte hij zich te zeggen dat het uiteraard alleen maar eerste voorstellen van het college zijn. De vraag die dan echter opdoemt is, waarom op initiatief van het college in deze dagen duizenden brochures worden verspreid waarin de plannen van de wethouder worden gepresenteerd als de plannen (nog door de raad moet worden besproken) die in de gepresenteerde vorm worden uitgevoerd. Maar zoals gezegd: Piet Jonkman en de raad, dat zijn twee werelden.

In het door schandalen geplaagde Berlijn zwijgen de betonmolens

Maandag 28 maart 2005

Deze dag beleef ik een curieus avontuur: uren lang door Berlijn zwerven in een Trabantje, of Trabi, zoals de Oostduitsers dit kunststoffen tweetaktvehikel noemen. Aangekondigd was een bustocht langs een aantal bouwprojecten in het oosten van Berlijn. Maar op het beoogde vertrekpunt, de Gendarmenmarkt stonden voor ons zes Trabi’s gereed: één met de gids (een Nederlandse ontwikkelaar), één als bezemwagen en vier voor de groep die was uitgenodigd om de projecten te bezichtigen. Er was radioverbinding tussen de pruttellende wagentjes, zodat iedereen actuele informatie kon ontvangen. We moesten zelf rijden!

Op het vlak van de woningbouw is de productie in Berlijn niet veel hoger dan in Amersfoort, wat opmerkelijk is als je nagaat dat Berlijn wel dertig keer zoveel inwoners heeft en een oppervlakte heeft die overeenkomt met onze provincie Utrecht. Een deel van de woningnieuwbouw, vooral in het centrum, bestaat uit appartementen gecombineerd met nieuwe kantoren en winkels. Deze appartementen zijn, naar onze maatstaven, duur en een groot deel staat nog leeg.
Veel erger is het met de woningbouw buiten het centrum. Er is een enorme planvoorraad, maar niemand wilt bouwen voor de leegstand. Voor het stadsbestuur van Berlijn is dat dramatisch omdat de stad veel grond in eigen bezit heeft en daardoor met grote tekorten op de grondexploitatie heeft te kampen. Op veel plaatsen zijn ambitieuze stedenbouwkundige concepten in de ijskast gezet, wie toch nog een rijtje woningen wil ontwikkelen mag dat doen naar eigen inzicht. Op de plaatsen waar dat de afgelopen jaren is gebeurd, detoneert recente nieuwbouw dus met de afgebroken eerdere plannen. Het positieve daaraan is dat de rigiditeit die enkele jaren nog hoogtij vierde (er bestaan geen eigenwijzere mensen dan stedenbouwkundigen), op steeds meer plaatsen wordt doorbroken, iets waarvan de woonconsument profiteert.

De lage bouwproductie in Berlijn heeft alles te maken met de economische gevolgen van de vereniging van beide Duitslanden. Oostberlijn was in DDR-tijd een industriestad, met meer arbeidsplaatsen in deze sector dan elke andere regio in Oostduitsland. Na de Wende zijn honderdduizenden industriële arbeidsplaatsen verloren gegaan. Zo tuffen wij met onze Trabi’s door de Wilhelminastrasse, de hoofdas van een oud bedrijvengebied langs de Spree. Er staan prachtige bakstenen industriehallen, meer dan honderd jaar oud en deels beschermde monumenten. Het aantal arbeidsplaatsen in dit gebied is echter afgenomen van 75.000 tot 5.000. En ook elders, zoals langs de Rummelsburger Allee, tuffen we door kilometerslange industriegebieden waar alleen een energiecentrale nog volop draait. Voor de rest is het ‘Toter Hose’, een deprimerend beeld van verwaarloosde bedrijfsgebouwen en roestige spoorverbindingen.
De werkeloosheid in Berlijn ligt ver boven de twintig procent, in het oosten van de stad behoorlijk daarboven. In deze omstandigheden blijkt de woningmarkt volkomen plat te vallen. De stad zelf is de afgelopen jaren geplaagd door een reeks van financiële schandalen, in veel gevallen in relatie met de onroerend-goedwereld. Een reeks van politici, vooral uit de CDU en de liberale FDP, heeft het veld moeten ruimen, de stad is feitelijk failliet. Waar nog gebouwd wordt, gebeurt dat op initiatief van de Bund (de nationale regering) of op initiatief van het groeiend aantal organisaties dat verhuist naar de nieuwe hoofdstad. Voor de stad zelf en zijn Bezirken is het echter armoede troef, waardoor initiatieven op het gebied van sociale woningbouw en aanvullende voorzieningen tot het minimale zijn beperkt.

Duitse regeringssysteem niet geschikt voor oplossen problemen

Zondag 27 maart 2005

Omdat een – Nederlandse – kennis van mij deze dag zijn verjaardag in Berlijn viert, is ’n twintigtal Nederlanders dit weekend naar de Duitse hoofdstad getrokken. Een interessante groep waarvan, gemengd met enkele Berlijnse gasten, bijna allen iets hebben te maken met onroerend goed, wetenschappelijk onderzoek of cultuur. Het feest vindt plaats in een appartement aan de Potsdammerplatz, ik mag slapen in het prestigieuze Marriot. Drie dagen zon en zoals gebruikelijk bezoek ik tussen alles door ook Dussmann aan de Friedrichstrasse, de grootste en meest uitgebreide boekenzaak die ik ken, vijf verdiepingen met een imposant aanbod aan boeken en muziek. Mijn bibliotheek wordt weer aangevuld met een aantal boeken over de Duitse politiek en de politieke geschiedenis van Italie, vooral vanaf 1943 tot aan Berlusconi.

Een bezoek aan Duitsland, en vooral aan Berlijn, is boeiend maar heeft ook deprimerende kanten. Deprimerend vooral op politiek gebied. Kort door de bocht kan je zeggen: de economische problemen in Duitsland (die ook invloed hebben op onze eigen economie) zijn het gevolg van het verstarde politieke systeem in dat land. Iedereen in Duitsland, en uiteraard ook daarbuiten, weet dat er ingrijpende maatregelen nodig zijn om de economie weer op gang te brengen. Maar de regering zijn de handen gebonden. Dat geldt niet alleen voor de huidige Bundeskanzler Schröder, maar zal net zo goed het geval zijn als Angela Merkel (CDU) in 2006 aan de macht komt – wat door vrijwel iedereen wordt verwacht.
Het probleem ligt in het systeem. Naast de Bundestag (onze Tweede Kamer) is er een Bunderrat (onze Eerste Kamer). Deze Bundesrat is samengesteld op basis van de politieke verhoudingen in de Bundeslanden en heeft belangrijk meer macht dan onze Eerste Kamer. De Bundesrat kan een groot deel van de besluiten van de regering blokkeren en doet dat ook, in toenemende mate. Oorzaak: in de Bundesrat hebben de oppositiepartijen het voor het zeggen. Een belangrijk gegeven, maar voor de verstarring is ook de organisatie van de verkiezingen verantwoordelijk.
De verkiezingen voor de Landesregeringen (die echt politieke macht hebben, dit in tegenstelling tot onze provincies) vinden over de tijd verspreid plaats. In de praktijk betekent dit dat de Bundesregering in Berlijn elk jaar met meerdere verkiezingen in de Landen heeft te maken. En omdat de uitslagen van die verkiezingen de samenstelling van de Bunderrat bepalen, moet een Bundesregering feitelijk vier jaar lang campagne voeren.
Voor een land in problemen is het noodzakelijk dat een regering een aantal minder populaire maatregelen neemt. Normaal gebeurt dat – zie Balkenende en consorten – vooral in de eerste helft van een vierjarige periode, de tweede helft is om te oogsten en een goede uitgangspositie voor de aankomende verkiezingen te creëren. De Duitse regering ontbreken de eerste twee jaren, ze kan geen impopulaire maatregelen nemen omdat die per ommegaande worden afgestraft bij de eerstvolgende Landesverkiezingen. Dus blijven pijnlijke, maar noodzakelijke maatregelen uit en zinkt de staat steeds verder in weg in het economische moeras.

Voeg bij dat alles nog het veelgeroemde Rheinische model, dat in de praktijk alleen maar nuttig blijkt te zijn in tijden van voorspoed, en de ramp is compleet. Dankzij het Rheinische model hebben de vakbonden grote invloed binnen de bedrijven en zijn de bonden uitgegroeid tot een belangrijk, maar log en conserverend machtsblok. Er is een sterke verweving tussen enerzijds de bonden en de SPD-fracties in Bund en Landen, anderzijds tussen werkgeversorganisaties en CDU/FDP. Heel wat parlementariërs ontvangen naast hun (royale) vergoedingen als lid van de Bundestag ook nog vergoedingen van de werkgevers- of werknemersorganisaties van waar uit zij in de Bundestag zijn beland. Al die belangenorganisaties houden stevig vast aan de belangen van hun leden, want als die afhaken wordt het voortbestaan van de belangenorganisaties bedreigd. Dus is in de discussie tussen coalitie en oppositie niemand bereid ook maar iets toe te geven, en gebeurt er dus niets!

Written by raphaelsmit

30/03/2005 at 16:23

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Onsmakelijk optreden van Haagse D66-ers

Vrijdag 25 maart 2005

Ik ken Ed van Thijn. In mijn Amsterdamse tijd was Van Thijn fractievoorzitter in de hoofdstedelijke gemeenteraad. Omdat ik toen – in de jaren zestig en zeventig – ook al politiek actief was, kwam ik Van Thijn regelmatig tegen. Een prettig mens, integer en intellectueel. In de periode 1988-1989 werkte ik enkele jaren op het Amsterdamse stadhuis en was ik enige tijd woordvoerder voor de Amsterdamse burgemeester: Ed van Thijn. Een goede burgemeester, als je het afzet tegen de tijdsomstandigheden, met veel credits in zijn stad. Een man met een bewogen geschiedenis, boeiend in de omgang, betrouwbaar.

Na de discussie over de gekozen burgemeester, zoals in de Eerste Kamer gevoerd, omschreef D66-minister Brinkhorst (met de hem typerende corpstoon) Ed van Thijn als: ‘Eens een rat, altijd een rat.’ Haagse partijgenoten van dit sujet omschreven Van Thijn als ‘tuig’. Al die opmerkingen maakten in elk geval duidelijk dat voor de Haagse D66-ers de druiven uitzonderlijk zuur waren. Maar ja, als je als ooit progressieve partij je leent om twee ultraconservatieve partijen aan het bewind te helpen, moet je ook wel eens wat opsteken. En laten we eerlijk zijn: het wetsvoorstel van Thom de Graaf rammelde aan alle kanten en droeg de sporen van haastwerk. D66 had haast omdat schijnbaar niemand binnen deze partij er in gelooft na volgende kamerverkiezingen nog een rol van betekenis te spelen.
Wat mij gisterenavond op de tv en vandaag in de verschillende ochtendbladen het meest opviel was het gedrag van D66-fractievoorzitter Boris Dittrich. Met een vette lach stond hij schouder aan schouder naast de eveneens glunderende VVD-voorzitter Van Aartsen. Dat beeld ziende kreeg ik een groot verlangen naar de wederopstanding van Pim Fortuyn. Hij ligt in een katholieke omgeving begraven en het is zondag Pasen, dus wie weet…! De wijze waarop de Haagse D66-ers aan het pluche kleven is ronduit onsmakelijk en staat volgens mij haaks op elke gedachte die bij de oprichting van deze partij een rol heeft gespeeld.

Het verbaasde mij dan ook niet dat ik deze ochtend in de Volkskrant las dat op regionaal niveau onder D66-ers nogal wat kritiek leeft op het gedrag van de Haagse D66-bewindvoerders. Dat geeft hoop. Ik ken – niet alleen in Amersfoort – tientallen D66-ers die op lokaal niveau kwaliteit leveren in het plaatselijke bestuur. Het moet voor al deze mensen toch verschrikkelijk zijn als ze moeten toezien hoe – naar het lijkt – Boris Dittrich eerst zijn partijgenoot Thom de Graaf heeft laten vallen, om daarna als een super-VVD-er te vissen naar een plaatsje binnen het Kabinet. Over ratten gesproken!
Eigenlijk is het deerniswekkende optreden van D66 op het Haagse parket een mooie gelegenheid voor alle lokale D66-ers om te laten blijken dat zij zich vooral lid van een stadspartij voelen. Openlijke distantie kan hun positie op lokaal niveau alleen maar ten goede komen.

Written by raphaelsmit

25/03/2005 at 13:07

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Vraagtekens bij gewijzigde bouwplannen

Donderdag 24 maart 2005

De gemeenteraad moet een besluit nemen over een andere opzet van het gebied Puntenburg, de nieuwbouwlocatie tussen het Eemplein en de noordelijke stationstoegang. Van de geplande woningbouw in dit gebied is pas een deel gerealiseerd. Een aantal geplande projecten is uit de markt genomen omdat er onvoldoende belangstelling bleek te bestaan bij kopers. Typerend is dat de eerste twee woongebouwen in dit gebied als sociale woningbouw zijn ontwikkeld door de corporaties. De verkoop van de twee marktprojecten verloopt moeizaam, het grootste deel van de resterende zandvlakte zal nog wel enige tijd zijn maagdelijkheid behouden.
Deze ontwikkeling heeft niet alleen met de huidige flauwte op de woningmarkt te maken. Acht jaar geleden, toen ik lid was van de commissie CSG, heb ik al geroepen dat de ambities voor het gebied Puntenburg veel te overtrokken waren. Voor die constatering was niet veel wijsheid nodig: de doelstelling was dat er bijna 800 appartementen, waarvan een groot deel in de duurdere sector, in een periode van ongeveer vier jaar zouden worden ontwikkeld. Je hoeft slechts te bestuderen hoeveel nieuwe koopappartementen er per jaar in Amersfoort worden afgezet en te kijken hoeveel appartementen er elders in de stad worden ontwikkeld (van Bloemweg tot Vathorst), om te kunnen constateren dat de productiecijfers die in 1997 voor ogen stonden veel te optimistisch waren. En dat bij een gunstige markt!

Niets vreemd dus dat er nu gestreefd wordt naar een herontwikkeling. De aangepaste plannen, opgesteld door de stedenbouwkundige Khandekar, gaan uit van een kleinschaliger opzet. Grote bouwblokken zijn geknipt, er zijn wat meer straatjes ontstaan en er is geschoven met het groen. Naar mijn mening is dat allemaal cosmetica: zolang je niet ingrijpend in de verkoopprijzen gaat knippen, gebeurt er de komende tijd nog steeds weinig.
De bewonersgroepen die steeds hebben meegepraat over de ontwikkeling van Puntenburg, zijn door Khandekar ruimschoots geïnformeerd. Dat alles wat kleinschaliger wordt, stuitte uiteraard niet op veel weerstand: de oorspronkelijke plannen riepen veel verzet op door hun massaliteit en die is nu wat getemperd. Wat de bewoners zeer aansprak was het idee om in het gebied een grote groenstrook op te nemen. Terecht, maar Khandekar heeft dit wel bereikt door op een andere plek in het plan alle open ruimte weg te poetsen: de Brouwerskom. Ik vind het daarom een slecht voorstel, ik ben wel voor extra ruimte maar zoals het nu wordt gepresenteerd is het een sigaar uit eigen doos.
Of het knippen van het grootste kantoorpand, het 65.000 m2 grote Trapezium, tot meer kwaliteit leidt, is nog maar de vraag. Khandekar ziet door zijn opdeling mogelijkheden voor het gefaseerd bouwen van de kantoorruimte. Op zich is dat niet slecht, maar het geheel krijgt daardoor wel een rommelig aanzien. Of de smalle straatjes voldoen aan het gevoel van sociale veiligheid en of de parkeerproblematiek goed wordt aangepakt, is nog maar de vraag. Alles bij elkaar is de vraag terecht of je echt enthousiast moet zijn over de plannen van Khandekar. De veranderingen zijn niet ingegeven door de wens naar betere stedenbouw of architectuur, maar zijn ontstaan door commerciële noodzaak. Het is de vraag of deze verandering ook een echte verbetering is!

Written by raphaelsmit

25/03/2005 at 12:05

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Onrust in de raad: dualisering was niet de enige aanleiding

23 maart 2005

Op initiatief van de burgemeester vindt een drietal bijeenkomsten plaats die de titel hebben gekregen ‘De Ontmoeting’. Albertine van Vliet wil door middel van deze bijeenkomsten de onderlinge communicatie tussen raadsleden, wethouders en ambtenaren verbeteren. Tijdens elke bijeenkomst wordt een inleiding gehouden over een onderwerp dat de waan van de dag enigszins ontstijgt, verzorgt door een landelijk bekende spreker. Vandaag vindt de eerste bijeenkomst plaats, inleider is mevrouw Joan Leemhuis-Stout, ooit dijkgraaf en Commissaris in de provincie Zuid-Holland, de laatste tijd vooral in de schijnwerpers beland in haar rol van voorzitter van de door het Kabinet in het leven geroepen Stuurgroep Evaluatie Dualisering Gemeentebestuur.

Het eindrapport van de stuurgroep is onlangs verschenen en heeft de nodige aandacht gekregen. Het Kabinet heeft de meeste aanbevelingen overgenomen. Rode draad in het rapport: in heel veel gemeenten is de dualisering moeizaam en slechts ten dele op gang gekomen. Een doorstart in 2006, met duidelijker regels, is noodzakelijk. Het aardige van het rapport is dat je, na lezing ervan, tot de conclusie kan komen dat we het in Amersfoort nog niet eens zo slecht doen. Maar ook in onze stad zouden bepaalde problemen, overeenkomstig de adviezen van de stuurgroep Leemhuis, opgelost moeten worden, zoals de onmogelijke dubbelrol die de burgemeester heeft.
De opzet van de Ontmoetingen is dat na de inleider een lid van het ambtelijke managementteam en de vice-voorzitter van de raad (Mirjam Barendregt) een eerste reactie geven. Daarna wordt er in informele sfeer verder gediscussieerd. De twee reacties waren niet echt verrassend: de ambtenaren moesten wennen aan de nieuwe raad en met name aan het optreden van de oppositie, Mirjam constateerde dat er in Amersfoort al het nodige is gebeurd, dat nog lang niet alle problemen zijn opgelost en dat de nieuwe werkwijze die de raad eind dit jaar (mogelijkerwijze) gaat invoeren, de dualisering verder op stoom kan brengen. Naar haar mening heeft de raad de gedachte van de dualisering snel opgepakt, ook door de grote veranderingen in haar samenstelling. Het waren vooral de collegeleden die veel moeite hebben gehad met de nieuwe werkwijze van de gemeenteraad.
Tijdens de informele discussie beland ik in een groepje waar de Amersfoortse dualisering wat wordt gerelativeerd. De veranderde werkwijze van de raad, de scherpere debatten en de problemen die ruim een jaar geleden tot een doorstart van het college leidden, hadden misschien minder met de dualisering te maken, maar vooral met de totaal andere samenstelling van de raad. Er zijn meer partijen gekomen, er is tegenover de traditionele coalitie een actieve oppositie ontstaan en het grote aantal nieuwe raadsleden heeft een aantal vaste patronen tot makelatuur verklaard. Voeg daarbij dat de twee grootste partijen – VVD en toen nog CDA – fractievoorzitters kregen die de raadszaal vóór hun benoeming misschien nog nooit van binnen hadden gezien (VVD-fractievoorzitter Strengers was net lid geworden van zijn partij), en je hebt alle ingrediënten bijeen voor een nieuwe sfeer binnen de gemeenteraad. Deze is overigens voor een belangrijk deel verloren gegaan nadat de coalitiepartijen, geschrokken door de nieuwe adat die zich ontwikkelde, de duale gedachte vorig jaar voor een belangrijk deel hebben afgezworen.

Opvallend was dat tijdens deze eerste Ontmoeting het debacle rondom de gekozen burgemeester nauwelijks aan de orde kwam. Door de PvdA-senatoren in de Eerste Kamer blijft ons een stuk nieuwe chaos bespaard. Maar mijn opvatting is dat chaos leidt tot creatieve oplossingen, dus wat dat betreft vind ik het hele Haagse gedoe in de afgelopen dagen wel boeiend, maar betreur ik de uitkomst ervan!

Written by raphaelsmit

24/03/2005 at 11:09

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

Burgemeester hoort klager over wethouder Strengers

Dinsdag 22 maart 2005

Vandaag vond het hoorgesprek plaats over de klacht die ik vorige maand indiende bij de burgemeester. De klacht betrof het optreden van wethouder Paul Strengers. Tijdens een gesprek met bestuursleden van de Bewonersvereniging Vathorst liet de wethouder zich leiden door zijn emoties en omschreef hij Gerard van Vliet van Amersfoort.cc en mij als psychopaten. Aanleiding waren publicaties van ons beiden op onze website. De bewonersvereniging neemt in een speciale rubriek op haar website alle publicaties over die de nieuwe wijk betreffen, dus ook van Gerard en mij. Paul Strengers oefende grote druk uit op de bewonersvereniging en verklaarde tijdens het gesprek met de bestuursleden dat, zolang de bewonersvereniging bijdragen van Gerard en mij in hun web-overzicht opneemt, de vereniging geen serieuze gesprekspartner voor het gemeentebestuur kan zijn.

Toen ik de eerste meldingen vernam over de desavouerende opmerkingen van de wethouder, deed ik daar nog niet zoveel mee. Ik heb het afgeleerd Paul Strengers serieus te nemen, ik beperk mij tot de constatering dat het een schande is dat – onder verantwoording van de VVD – nitwits als Strengers onze stad mogen besturen of in elk geval de indruk wekken dat te doen. Voor de rest is elke opmerking uit zijn mond een aanvullend bewijs voor zijn bestuurlijke misgang. Daarbij is op te merken dat wat robuuste opmerking over raadsleden, gemaakt tijdens een politiek debat, nog acceptabel zouden kunnen zijn, maar de wethouder maakte zijn opmerkingen buiten het stadhuis, tijdens een formeel optreden, tegenover actieve burgers en bij afwezigheid van de door hem gewraakte raadsleden.
Wel was het optreden van de quasi-wethouder voor Gerard en mij één van de motieven bij het indienen van de motie van wantrouwen tegen Paul Strengers, op 1 februari. Op grond van de onderlinge taakverdeling van de indieners stipte Gerard van Vliet het optreden van de wethouder tegenover de bewoners van Vathorst aan. Tijdens de behandeling van de motie maakte Paul Strengers zijn excuses voor zijn vele misstappen en beloofde beterschap. Voor de meeste leden van de coalitiepartijen waren deze excuses voldoende om de wethouder van de straat te houden. De excuses betroffen echter niet de door Gerard van Vliet naar voren gebrachte diskwalificatie van enkele leden van de raad. De bijdrage van de wethouder stond op papier en was van voorafgaand aan de vergadering met de VVD-fractievoorzitter besproken, onze inbreng tijdens de discussie was toen nog niet bekend.
Tot dat moment waren de opmerkingen van de wethouder die hij maakte tijdens het overleg in Vathorst, slechts in kleine kring bekend. Dat veranderde toen Gerard van Vliet, mede naar aanleiding van het laffe gedrag van de coalitiepartijen, een officiële klacht over de opmerkingen van de wethouder indiende bij de Commissaris van de Koningin. Op dat moment stond het feit in alle openbaarheid daar: een wethouder, optredend als vertegenwoordiger van het college, maakt leden van het hoogste bestuursorgaan in onze stad uit voor psychopaten. Daarmee tastte hij, zonder aanleiding en op onaanvaardbare wijze, het aanzien van de raad aan. Latere opmerkingen van de wethouder dat de opmerkingen op persoonlijke titel waren gedaan, sneden geen hout. Het ging om een formeel overleg en de wethouder werd hiervoor vergezeld door een of meer ambtenaren. Zijn diskwalificatie van raadsleden deed hij daarmee namens het college.

Vanaf het moment dat deze gang van zaken brede belangstelling kreeg, kon ik het gedrag van de wethouder niet meer ignoreren. Dat leidde dus tot een formele klacht bij de voorzitter van de raad, tevens voorzitter van het college, onze burgemeester. Tijdens het hoorgesprek werden de puntjes op de ‘i’ gezet. De burgemeester gaat nog enkele gesprekken voeren, zowel met de wethouder als met andere betrokkenen. Voor haar uitspraak wens ik haar veel wijsheid toe, zij moet immers als voorzitter van de raad een uitspraak doen over een van haar collega’s uit het college. Indien een wethouder tijdens zijn optreden in onze stad het aanzien van de raad of vertegenwoordigers van een deel van deze raad beschadigt, beschadigt hij ook diens voorzitter.

Written by raphaelsmit

23/03/2005 at 09:48

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

College brengt zelf Westtangent om zeep

Maandag 21 maart 2005

De aanleg van de Westtangent is nog lang geen gelopen race, integendeel. Uit de discussie die deze avond in de commissie ECO wordt gevoerd, is eerder de conclusie te trekken dat de aanleg van een nieuwe, vierbaans verbindingsweg tussen de Stichtse Rotonde en De Isselt er voorlopig niet inzit. Aan de commissie werd gevraagd een keuze te doen voor een tracéreservering voor de Westtangent binnen het nieuwe bestemmingsplan Birkhoven-Bokkenduinen. Een groot aantal fracties ziet niets in een dergelijke reservering omdat voor hen nut en noodzaak van de Westtangent nog lang niet zijn bewezen. Een aantal fracties is er nog niet uit. Alleen de VVD is duidelijk voorstander van de nieuwe wegverbinding dwars door een veel bediscussieerd groengebied.

Dat het met de verkeersontsluiting van grote delen van onze stad niet goedzit, is duidelijk. De problemen nemen alleen maar toe naarmate de stad verder groeit. Het is om deze reden dat Rijkswaterstaat een aantal grote ingrepen in het rijkswegennet rond Amersfoort in de planning heeft. Het kruispunt Hoevelaken moet op de schop en gaat ongeveer op het Prins Clausplein bij Den Haag lijken. Ook de verbreding van de A1 en A28 is gepland. Al deze plannen zijn opgenomen in de bestuursovereenkomst die zes jaar geleden werd afgesloten, Rijkswaterstaat heeft zich tot de kostbare ingrepen in het wegennet rond Amersfoort verplicht. Snelle uitvoering is geboden.
Zolang Rijkswaterstaat zijn werk niet heeft uitgevoerd, is het moeilijk om nut en noodzaak van de Westtangent hard te maken. In elk geval heeft het college nog steeds geen gedegen onderzoek op tafel gelegd waarin, naast verkeersonderzoek, ook andere zaken zoals milieu uitvoerig zijn bestudeerd. Dat de discussie heftiger is dan enkele jaren geleden, heeft het college ook aan zichzelf te danken. De domme opmerkingen van Paul Strengers over de afbraak van ‘enkele huisjes’ heeft tot een nieuwe toonzetting geleid en tot een solidariteitsactie in Amersfoort-Zuid die sterk doet denken aan de stadsdeelbrede actie die tien jaar geleden werd gevoerd tegen de bouw van een tennishal midden in het Bergkwartier.

Alles op een rij gezet kan je vooral zeggen: het gestuntel van het college heeft het moeilijke dossier rond de Westtangent tot een pijndossier gemaakt en de schijnbare steun voor een toekomstige snelweg aan de westkant van de stad in rook laten opgaan.

Amersfoort of Simonis: machtsbehoud keert zich tegen algemeen belang

Zondag 20 maart 2005

Bestuurders zijn overal het zelfde: vermeende machtsposities worden moeilijk losgelaten, het pluche van een wethouders- of ministerzetel heeft een grotere kleefsterkte dan de meest hechte tweecomponentenlijm. Dat is in Amersfoort zo, in ons hele land kan je zeggen en ook bij de ons omringende landen. Dat viel mij deze avond op bij het kijken naar het ARD-programma van Sabine Christiansen, een van de bekendste politieke talkshows bij onze oosterburen.

De discussie draaide deze avond rond de regeringsvorming in Sleeswijk-Holstein, waar begin maart verkiezingen plaatsvonden. Tegen de prognoses in verloor de SPD/Groenen-coalitie zijn meerderheid, maar kwam ook de CDU/FDP-combinatie, geleid door een omstreden CDU-lijsttrekker, met 34 zetels net één zetel tekort. De twee leden van de Deensstammige SSW-fractie zitten op de wip en kozen voor de SPD, met als resultaat dat SPD-premier Heidi Simonis op 35 zetels kon rekenen. Een uiterst labiele situatie, zodat de roep naar een grote coalitie van SPD en CDU steeds sterker werd. Deze zou dan worden geleid door de CDU-kandidaat, omdat deze partij de grootste in de combinatie is.
Een week geleden, in het maandagse talkprogramma van de journalist Beckmann, was Heidi Simonis een van de gasten. Zij werd door Beckmann geconfronteerd met de vraag waarom zij zich tegen een grote coalitie verzette. ‘Ja, en waar blijf ik dan?’ was haar spontane antwoord. Dat heeft ze geweten. Nog nooit had een Duitse politicus zo duidelijk uitgesproken wat in het algemeen onuitgesproken normaliteit is: de zucht naar machtsbehoud, de weerstand tegen het opstaan van het pluche. Voor één SPD-afgevaardigde in het Sleeswijk-Holsteinse parlement was deze uitspraak teveel: afgelopen donderdag onthield hij zich tot vier keer toe bij de stemming, vier keer staakten bij de voordracht voor Heidi Simonis de stemmen: 34 tegen 34. Zaterdag besloot een van de populairste landspremiers in Duitsland de eer aan zich zelf te houden. Waartoe één ‘Ausrutscher’ tegenover een journalist toe kan leiden!

En wat is de les hieruit voor Amersfoort? Bij ons zeggen wethouders voortdurend domme dingen. Maar de kleefkracht van het pluche en het streven naar machtsbehoud binnen de coalitiefracties leidt er toe dat een van de zwakste college’s die de stad de afgelopen decennia heeft moeten meemaken, nog steeds in het zadel zit. De karaktervastheid van de ene SPD afgevaardigde in Duitsland noordelijkste staat is in onze raad dun gezaaid. De stad zal nog één jaar wethouders als Paul Strengers en Piet Jonkman – om enkele voorbeelden te noemen – moeten verdragen. Gefeliciteerd!

Hooglanderveners verleid door loverboy

Zaterdag 19 maart 2005

In HIK, de Hooglanderveense Informatiekrant, wordt deze zaterdag veel aandacht besteed aan de groene zoom rondom dit dorp. De groene zoom zou het dorp afscheiden van de nieuwbouw in Vathorst en het specifieke dorpse karakter van Hooglanderveen in fysieke zin afschermen. In de jaren negentig deed de gemeente er alles aan om de weerstand van de Veeners tegen de nieuwbouwplannen rondom hun dorp te breken. De groene zoom was een van de toezeggingen die werd gedaan, maar van de bespiegelingen uit de jaren rond 1999 is in de praktijk weinig terecht gekomen.

De HIK omschrijft dat onder meer als volgt: ‘Over de Groene Zoom vertelde ooit ook Ashok Balohtra, de goeroe uit India. Op een februariavond in het jaar 2001 in Houtrust. Met zijn mooie bruine ogen verleidde hij het dorp Hooglanderveen, als een volleerde “loverboy”, met zijn mooie praatjes over de Groene Zoom. Wordt de werkelijkheid anders? Wordt Hooglanderveen gewoon “geprostitueerd” door Vathorst?’
Ik kan mij nog herinneren hoe de gemeente voor de Hooglanderveners een bustocht organiseerde naar nieuwbouwlocaties bij Zoetermeer en Rotterdam, om te laten zien met welke behoedzaamheid bestaande dorpsbebouwing kan worden ingepast binnen nieuwbouwprojecten. Ik was gast bij deze bustocht en toen al behoorlijk sceptisch. De Hooglanderveners zijn jarenlang aan een lijntje gehouden: toegezegde bestemmingsplannen waarin de gedane beloften zouden worden vastgelegd, lieten jaren op zich wachten en blijken uiteindelijk niet te bieden wat zes, zeven jaar geleden werd gesuggereerd.
Dus werd de Dorpsraad van Hooglanderveen afgelopen maand geconfronteerd met de vraag om in hun groene zoom de aanleg van volkstuintjes voor Vathorstbewoners toe te staan. De ooit als open groenzone rond het dorp voorgestelde zoom bevat intussen al sportvelden, een begraafplaats en noem maar op. De volkstuintjes schoten de Dorpsraad dan ook in het verkeerde keelgat. Zij willen het groen bij hun dorp zoveel mogelijk open en openbaar houden, zonder afgesloten volkstuinen en de daarbij behorende huisjes, schuttingen en kassen.

‘In het Park der Tijden gaat men toch ook niet volkstuinen aanleggen,’ merkt de dorpsraad op, daarbij doelend op de belangrijkste groenstrook in het tot nog toe ontwikkelde Vathorst. Het alternatief dat de Dorpsraad aandraagt, is zo gek nog niet: volkstuinen aan de overzijde van de Laak. Projectontwikkelaars hebben daar al tientallen hectare grond in bezit en de bewoners van Laak kunnen dan met hun bootjes naar de volkstuinen varen, zo redeneert de Dorpsraad. De Hooglanderveners halen hun verse groenten liever uit de toegezegde supermarkt die in hun dorp zou komen, aldus de HIK.

Written by raphaelsmit

22/03/2005 at 10:46

Geplaatst in Uncategorized

leave a comment »

VVD apentrots op de kleren van de keizer

Vrijdag 18 maart 2005

De VVD heeft geen gelukkige hand bij het vinden van wethouders. Van Henk Brink kan je in elk geval nog zeggen dat hij een vriendelijke persoon is die zich inspant om het ieder naar de zin te maken – met wisselend succes. Paul Strengers is de grootste misgreep die de liberale fractie ooit heeft kunnen doen. Als er eens een prijs in het leven wordt geroepen voor de grootste politieke onbenul, dan wint Paul Strengers deze met vlag en wimpel. Het ergste daarbij is dat deze wethouder gespeend is van elke vorm van zelfkritiek en in de waan leeft dat hij zijn werk naar behoren verricht. Goed, hij geeft toe dat hij soms de verkeerde opmerkingen maakt en de raad wel eens onheus behandelt, maar dat hij daar geen enkel positief wapenfeit tegenover stelt, is hem nog steeds niet duidelijk. Eigenlijk heb ik vooral medelijden met het doorsnee VVD-lid in onze stad. Je zult maar medeverantwoordelijk zijn voor het gestuntel dat de politieke analfabeet Strengers dagelijks weet te produceren. En dat uit naam van zo’n fatsoenlijke partij!

Waar de VVD-organisatie echter een meester in is, is het misleiden van zijn eigen achterban en overige belangstellende kiezers. Dat is althans de conclusie die je moet trekken nadat je kennis neemt van de ‘Wapenfeiten’ die worden opgesomd op de website van de VVD. Als je het lange lijstje tot je neemt, val je van de ene in de andere verbazing. Oké, bij de meeste punten die in het lijstje zijn opgenomen weet je zeker dat de genoemde zaken tot stand zijn gebracht ondanks de aanwezigheid van een VVD-wethouder, in plaats van dankzij. Maar toch is het een gotspe om onder de titel ‘Wapenfeiten’ zaken op te sommen waarvan je met weinig nadenken al kan vaststellen dat de wethouder aan deze feiten part noch deel heeft gehad, hooguit heeft hij in de laatste fase het nietje mogen aanbrengen.
Voorbeelden. De realisatie van het Eemplein is het gevolg van een initiatief dat al ver vóórdat wethouder Brink het voor het zeggen had, is genomen. Dat kan je ook zeggen van de herstructurering van het Nederberggebied, de verkenning door het Rijk van oplossingen voor het kruispunt Hoevelaken en de verbreding van de A28 en de A1 bij Amersfoort. De Rijksinitiatieven waren al vastgelegd in een overeenkomst die onder medewerking van het vorige college (waaraan de VVD niet deelnam) tussen een aantal departementen, twee provincies en enkele gemeenten werd gesloten. Je moet je ook afvragen of het vestigen van drie bedrijven (ja: drie!) in onze stad de verdienste is van de VVD-wethouder voor Economische zaken. Eén van de drie bedrijven is Ikea, een bedrijf dat al vóór Brink’s regiem besloot zich in Amersfoort te vestigen. Om het Dutch Open op de naam van de sportwethouder te schrijven, is ook een misgreep: de wethouder heeft zelfs een korting op de gemeentelijke bijdrage niet weten te voorkomen.
Wat opvalt in het rijtje wapenfeiten is dat de VVD alleen maar zaken uit de portefeuille van Henk Brink heeft opgesomd. Het kan zijn dat zijn echtgenote het lijstje kant en klaar heeft aangeleverd en dat de webredactie deze zonder enige kritiek heeft overgenomen, onder de verzuchting ‘Eindelijk een positief signaal uit de bestuurlijke sociale werkplaats van de VVD’. Dat men er geen ‘wapenfeiten’ van Paul Strengers aan heeft toegevoegd, is veelduidend. Ik zou er ook geen weten!

Written by raphaelsmit

19/03/2005 at 20:02

Geplaatst in Uncategorized